Onze eerste stop rechtstreeks vanuit Lissabon is Pico island, oftewel Pico. De naam komt van de gelijknamige vulkaan Pico. Met een hoogte van 2351 meter is het meteen de hoogste berg in Portugal.


Het eiland is het op een na grootste eiland van de Azoren met 447 km². Er wonen minder dan 15.000 mensen en er lopen enkele toeristen, 0,0 stoplichten te vinden maar vooral, zwarte kusten:


Natuurlijke zwembaden:

Mooie kraters:

Apart stollingsgesteente:

Overal mooie bloemen & planten:

Ze produceren veel wijn op het eiland, die eerlijk is eerlijk heel erg goed smaakt. Schijnbaar had, in de tijd, iedere tsaar zijn kelder vol liggen met deze wijn. Gelukkig voor ons is er nu alleen nog een wannabe tsaar, die niks geeft om Pico wijn. Flink aan de prijs, maar dat mag de pret niet drukken.

De wijnvelden zijn aangemerkt als UNESCO werelderfgoed. De wijnranken zijn geplant in groeven tussen de lava: eerst aarde erin, gevolgd door de wijnrank. Rondom deze wijnranken zijn lage muurtjes gebouwd van zwarte lavastenen om de wijn te beschermen tegen zout en wind.

De Pico beklimmen duurt zo’n 8 uur en hier moet je je van te voren op inschrijven. Dit hebben we maar even aan ons voorbij laten gaan en in plaats daarvan heel sportief wat extra wijn en voedsel naar binnen gewerkt.



4 dagen Pico zitten er alweer op, op naar het volgende eiland.