Expeditie Coron – El Nido

Zo noemen ze het, “een expeditie”. Nee, geen wetenschappelijke onderzoeks expeditie, maar een heuse snorkel expeditie. In principe is het een tochtje van 3 dagen en 2 nachten waarin je van Coron naar El Nido vaart (of andersom mocht je dat wensen) op een tradionele Bangka boot.

Zoals in de vorige blog beschreven werd de expeditie uitgesteld in verband met de wind. De kustwacht bekijkt iedere dag of het veilig genoeg is om te vertrekken. Ditmaal hadden ze zeker gelijk, eenmaal in El Nido kregen we te horen dat er die dag ook daadwerkelijk 2 toeristenboten waren gezonken. Geen gewonden, maar hun hele hebben en houden op de zeebodem. Stel je voor, telefoon, paspoorten pinpassen, alles naar snorkelland.

De dag dat we vertrokken bleef het ook nog een paar uur spannend of er toestemming zou komen. Uiteindelijk mocht de expeditie beginnen.

De activiteiten:
Vele stops bij koraalriffen, om te snorkelen:

Met wie hebben we gesnorkeld: Kogelvis, zeesterren (blauw en geel), zeepaard(je), barracuda, Nemo & Dori, roggen, neontetra’s en nog veel meer gekleurde visjes en mooi koraal. En dan de zeeschildpad, die ik gemist heb door mijn trage zwemmen (zoals een schilpad op het land is, ben ik de zee…. traag dus).

En mooie stranden om te zwemmen of kajakken:

Er werd veel gegeten:

Onbeperkte rum cola:

En in de avonduren werd er druk gezongen in de karaoke microfoon. Ja, zelfs Raimon zong uit volle borst; “it’s fun to stay at the YMCA” (footage is vernietigd).

We sliepen in hutjes op onbewoonde eilanden:

De 16de, kwamen we na een top expeditie aan in El Nido. Waar ik nog een verjaardags feestmaal kreeg:

El Nido is een leuk dorp, maar was ons wat te overvol, dus na 2 nachten gaan we weer verder:

Coron (Palawan)

Vaak over gedroomd en nu werkelijkheid, de Filippijnen. En dan meteen maar goed aanpakken; Palawan (al meerdere keren uitgeroepen tot mooiste archipel van de wereld). We starten het Palawan avontuur in Coron (gelegen op het noordelijke eiland Busuanga).

Deze plek hadden we vooral uitgekozen als startpunt voor de 3 dagen/ 2 nachten coron – El Nido boottour. Het plan was 3 dagen Coron voor vertrek tour. Dit werden 5 dagen aangezien er te veel wind stond om te vertrekken.

5 dagen dus, deze zijn voorbij gevlogen, met activiteiten als, boottochtjes:

Snorkelen:

Brommeren:

Drinken bij de buren (filipino’s schijnen te leven op rum hebben we ervaren):

En wat luieren en wederom veel eten.

Met de dag komen we grammen aan en wordt het, hoognodige blijven drijven tijdens het snorkelen, lastiger😉

Recap Indonesië

De bewoners:
Er zit duidelijk verschil tussen het leven op Bali en het leven op Java, op Bali lijkt alles losgeslagen, alles kan en mag, en de bevolking doet daar vaak ook vrolijk aan mee. Op Java is juist iedereen heel ingetogen en verlegen en het is op sommige plaatsen erg moeilijk om aan een pilsje te komen, dus laat staan dat ze lallend overstraat lopen. De Balinese bevolking is over het algemeen hindoe en de Javaanse daarentegen moslim. Bali staat bol van de “buitenlandse” toeristen. Maar op Java waren we op veel plekken de enige “bule’s”(wat buitenlander betekend, en dan vooral het pipse soort) en moesten we met hele families of schoolklassen op de foto. Eenmaal een keer een selfie toegezegd en er vormt zich uit het niks een rij met meer selfie addicts. Je moet er dan rekening mee houden dat je de eerste 20 minuten niet meer van je plek komt en met pijnlijke kaken van het lachen, de rest van de dag door moet.
Wat alle Indonesiërs gemeen hebben met elkaar, is dat ze altijd goedlachs en vrolijk zijn. Hele lieve mensen, die het leuk vinden contact met je te maken.

Het eten:
Tja, het zal geen verassing zijn dat we weer enorm genoten hebben van al het lekkers. De foto’s zeggen meer dan woorden:

De prijzen:
Indonesië is een erg goedkoop land wat eten en drinken betreft. Op Nusa (Bali) is het wel aanzienlijk duurder dan Java, maar nog steeds goedkoop. Op Nusa was een bordje nasi goreng rond de €2,50 en op Java was €0,90 het normale tarief voor datzelfde bordje. Dus Eat your hart out.

Grab a Grab:
Waar de rest van de wereld het doet met Uber, heeft Azië zijn eigen soort van Uber, genaamd Grab. Het principe is hetzelfde, je installeert de Grabapp en je kunt beginnen met taxi ritten te boeken, eten te bestellen en zelfs je boodschappen thuis laten leveren. Uber makkelijk dus 😉
Voor de lange afstanden op Java is de trein ideaal. Je koopt je kaartje gewoon op internet en klaar is kees.

Net zoals de recap van 8 jaar geleden krijgt Indonesië weer een dikke 8+

Orang oetans in Borneo

Eindelijk is het dan zover, we gaan op zoek naar deze mooie, maar bedreigde mensaap, de orang oetan. De naam komt van orang hutan, wat bosmens betekent.

Vanuit Pangkalan Bun, begint de tocht van 3 dagen door het Tanjung Puting National Park.  3 Dagen lang op een bootje onze ogen uitkijken op zoek naar de inwoners van dit enorm mooie gebied.

Het bootje is een orginele klotok boot, super charmant, maar maakt een enorme herrie, wat dan weer net wat minder charmant is.  We zijn met 6 man sterk op deze gezellige klotok, de gids, de kapitein, de matroos, de kok (beste kok ever) en de 2 blije toeristen.

De uitzichten alleen al zijn geweldig:

Deze dagen is het vooral een sport om zoveel mogelijk aap soorten in het wild te spotten. Dat is redelijk goed gelukt:

En dan mijn persoonlijke favoriet; de prachtige neusaap. Vroeger ook wel de Dutch Monkey oftewel orang belanda genaamd. Bij navraag aan de gids, schijnt dit te komen omdat hij met zijn rode kop en dikke neus op ons lijkt… “mooie neus”, probeerde hij zich nog te verbeteren 🤦‍♀️(bronvermelding: gids Jaka en dhr. Luc T):

Dan zouden er ook 230 verschillende vogelsoorten moeten zijn. Maar helaas vlogen deze in grote paniek allemaal in rap tempo weg, wanneer onze kabaal makende klotok de hoek om kwam. Gelukkig hebben we één dove ijsvogel erop weten te krijgen:

Dit park heeft ook een paar opvang locaties voor oerang oetans, ze komen uit gevangenschap en worden daar opgevangen. Deze delen zijn niet afgesloten, dus mochten ze het wild in willen kan dat op elk moment. Ze worden hier in de gaten gehouden, onderzoek naar gedaan en ook verzorgd als dat nodig is. We hebben 3 van die locaties bezocht, hier hoef je absoluut geen moeite te doen om ze te spotten:

Verder nog een spannend gevecht tussen een tarantula en een hagedis

Dit was een ervaring om nooit te vergeten!

Met deze mooie afsluiter gaan we ook Indonesië verlaten.

Nieuwjaar in Jakarta

Als je dan toch niet thuis bent met oud op nieuw, dan kun je ook maar beter in een grote stad zitten, was het motto.

Dan blijft er natuurlijk maar één echte stad over op Java. De hoofdstad van Indonesië; Jakarta here we come.

Als eerste willen we iedereen nog een geweldig en gezond 2025 wensen!

In Jakarta is het groot feest met Nieuwjaar, overal in de stad podia en eetkraampjes.

We hadden een hotelletje met een bar op het dakterras, zodat we daar, 6 uur vroeger dan in Nederland, konden klinken op 2025. Rond 00:00 ging het flink los in Jakarta met vuurwerk om ons heen. Maar helaas speelde het hoofd vuurwerk zich af achter deze wolkenkrabber:

Het feestje op het terras was in ieder geval erg gezellig, mooi uitzicht en we hebben wat leuke mensen ontmoet.

1 Januari was het nog altijd feest in Jakarta, veel kraampjes en gezelligheid in de wijk Kota Tua (voorheen Batavia). Deze wijk heeft nog wat oude mooie Nederlandse panden staan en de ‘kippenmarktbrug’ (Jembatan pasar ayam).

Verder was Jakarta niet heel bijzonder vonden wij. Dus we gaan door.

Op naar de natuur op Kalimantan (Borneo)

Koelte in Bandung

Het lijkt waarschijnlijk op blogs spam, maar ik lag wat achter met schrijven. Dus vandaag wederom een korte blog, ditmaal over ons bezoek aan Bandung.

De stad ligt op 770 meter hoogte en is daardoor een paar graden koeler dan de rest van Java. De stad zelf was wel leuk, maar niet heel spannend, enkele oud Nederlandse gebouwen en daar is alles mee gezegd. Maar de omgeving tussen de rijstvelden en de theeplantages is prachtig.

De treinrit ernaartoe alleen al:

De witte krater:

De theeplantages:

Verder niet veel te melden hierover🤷‍♀️

Kerst in Yogya

Na het bijzondere Bromo avontuur stappen we in de trein voor een leuke tocht van 4 uur naar Yogyakarta. De culturele hoofdstad van Java.
Er hangt een relaxte sfeer, veel streetfood, mooie ateliers en musea.
We zaten in een super gezellige homestay, waar het bier rijkelijk vloeide. Ik moet toegeven dat ik niet iedere ochtend even fris wakker werd:

Om toch een beetje kerstsfeer te snuiven boekte we het kerstbuffet bij het Hyatt Regency restaurant. Voor nog geen €20.- was de keuze reuze, van sashimi, lams, alles van de bbq, roasted turkey tot mexicaans, stoofpotten en toetjes in alle soorten en maten.

Veel live cooking, live muziek en een echte kerstman en dan de daarbij behorende vreemde gewaarwording van met kerst op het terras te zitten met 30 graden. Dus de kerstsfeer hebben we niet gemist, enkel de personen waar we het normaal mee vieren:

Dan nog wat cultuur snuiven, naast het bier drinken.
Koninklijk Paleis Kraton:

Water Castle:

Museum Vredeburg, waar de onafhankelijkheidsstrijd beschreven wordt van Yogya met de Nederlanders en de Japanse bezetters. Ik vind het jammer dat er vroeger tijdens mijn geschiedenislessen weinig tot geen aandacht aan werd besteed:

Prambanan tempel, wat “veel priesters” betekend, is de grootste hindoeïstische tempel van Indonesië:

De Borobudur, wat boeddhistisch tempel op de berg betekend en is gebouwd tussen 750 en 850. Je kan er niet naar binnen, want de tempel is als een stoepa rond de berg gebouwd, dus niet hol van binnen, maar van steen:

Dat was Yogya, op naar Bandung

Circus Mount Bromo

Onze eerste stop in Java is Surabaya, deze stop staat op het programma voor de bekende, nog steeds actieve, Bromo vulkaan.

Het is regenseizoen, dus namen we aan, geen hoogseizoen. Helaas, in Indonesië is het schoolvakantie. Dus toch een redelijk druk seizoen qua toerisme uit eigen land.

We arriveerde in Surabaya om 20:30 en om 23:00 werden we opgehaald om te starten aan de tocht en zo op tijd te zijn voor de Bromo zonsopgang. 23:00 dachten we, voor iets wat 4 uur rijden is, dat is toch wat overdreven bij een zonsopkomst van 05:15… Nou ik kan je zeggen, we hebben het echt maar net gehaald, we hadden nog precies 10 minuten om ons door de mensenmassa’s te wurmen en een plekje op een van de uitkijkpunten te bemachtigen.

Het was echt waar een gekkenhuis. Na 1,5 uur in een comfortabele auto, werden we in jeep overgezet. Waarna we aansloten tussen 2000 andere jeeps om in een treintje stapvoets de hele route af te leggen, dit deel heeft ongeveer 4 uur geduurd, de dieseldamp ging in je neus, oren en ogen zitten. Omdat het geheel niet opschoot en mensen bang werden iets te missen, stapte er van alle kanten mensen uit de jeeps om te voet verder te gaan, waardoor het nog een grotere chaos werd.

Maar gelukkig, de ellende was niet voor niks…

Het had namelijk heel goed gekund dat er 0 zicht was geweest, vanwege het regenseizoen. De kans is zo’n beetje 50/50 in deze tijd. Als we na dit gekkenhuis geen zonsopgang hadden gezien, dan had ik me rechtstreeks van ellende van die berg gegooid.

Na een half uurtje genieten, rijden we weer met zijn allen de berg af naar de rand van de krater.

Half uurtje wandelen en voila…

Pas 18 uur na de start van de tour waren we weer thuis, voldaan en zwart van de uitlaatgassen.

Indonesië – Nusa Lembongan

In Australië noemen ze een vlucht naar Bali gekscherend een binnenlandse vlucht. Massa’s Australiërs gaan hier op vakantie, vandaar dat de tickets naar dat eiland dus ook goedkoop zijn vanuit hier. Dit was dus de goedkoopste manier om uit Australië te komen. En natuurlijk helemaal geen verkeerde bestemming😄.

Dus beginnen we het Indonesië verhaal met 5 dagen relaxen op Nusa Lembongan (eiland 45 minuten varen vanaf Sanur (Bali). Een klein eiland, dat verbonden is met het nog kleinere Nusa Ceningan. Je kunt ze lopend, fietsend of met de scooter doen. Er zijn geen auto’s op de eilanden, alleen veel scooters en tuktuk’s voor meerdere personen die als taxi gebruikt worden.

We komen aan in de plenzende regen, oh ja regenseizoen, we zagen de bui letterlijk en figuurlijk al hangen.

Gelukkig klaart het snel op en hebben we de middag en de dagen erna droog weer.

Met de Agung vulkaan op Bali als uitzicht

We hadden onze zinnen gezet op snorkelen met Manta Rays, iedere dag stonden we op met hoop in ons hartje, maar helaas iedere dag een nee op het rekest. De wind was veel te sterk en dat was ook wel aan de mega golven te zien😏.

We hebben wel veel gewandeld, gegeten en gezien, zoals the Devil’s Tears, een enorme blow hole en met de wind en golven een enorm spektakel.

Blue lagoon op Nusa Ceningan:

Mooie stranden en uitzichten:

Dagje scooter:

Mooie zonsondergang:

En natuurlijk de grootste straf in Indonesië… het heerlijke eten:

De laatste dag was weer een regendag, wat eigenlijk goed uitkwam om te kijken naar onze plannen voor kerst, nieuwjaar en überhaupt de plannen voor de volgende stop Java.

Recap Australië

De bewoners:

Het viel ons op dat er toch wel wat verschil was tussen de inwoners van verschillende staten. In New South Wales zijn ze heel aardig uitbundig en wat overdreven, met woorden als “amazing” die vaak in de mond genomen worden. Beetje alla de Amerikaanse standaards. In Victoria en South Australia, was dit fenomeen al aanzienlijk minder en bleef aardig en ietwat enthousiast over, maar in Tasmanië was het helemaal gedaan met het theatrale. Feit blijft, waar dan ook, ze zijn allemaal super aardig. Zoals 8 jaar gelden al beschreven, lijken de Aboriginals nog altijd niet goed mee te kunnen in deze “nieuwe” maatschappij. Ze krijgen een kaartje met geld om de maand door te komen zonder te hoeven te werken en hun kinderen worden over het algemeen thuis gehouden van school. De integratie van de Aboriginals in de “nieuwe” maatschappij, staat dus nog altijd niet op poten.

En dan het andere soort bewoners, die het land zo kleurrijk maken:

Prijzen:

De prijzen vielen ons goed mee, westers uiteten is waarschijnlijk ongeveer hetzelfde als bij ons en de drankjes iets duurder. In de steden wonen enorm veel mensen met Aziatische afkomst, dus ook veel Aziatische restaurants, waar je dan weer voor een prikkie kunt eten. Supermarkten zijn iets goedkoper dan bij ons. Het fenomeen Aldi is gearriveerd in Australië, die drukken de prijzen flink. In deze Aldi’s zit ook een geïntegreerde bottleshop. Waar de wijn zelfs maar een prikkie van bij ons kost. Bier blijft ook daar duur.

Oh en pinnen lukt dus niet overal met je Nederlandse pas, onze pas heeft bijvoorbeeld alle info op de chip staan en niks meer op de magneetstrip, pinnen aan een automaat lukt, sommige restaurants ook, maar in winkels etc kan je het vergeten en moet je de credit card trekken of contant betalen.

Musca vetustissima:

Oftewel de Bush fly. Wat een enorm irritant beest. Als het niet te warm weer is, vallen de aanvallen mee, maar bij een temperatuur boven de 25 graden wordt je omsingeld. Deze vliegen gaan niet voor je eten, maar deze gaan voor zweet en tranen, en proberen dus constant op je gezicht te gaan zitten en je zweet (zelfs als je niet eens weet dat het er is) van je af te slurpen. De oren zijn hun voornaamste aanval techniek, ze proberen regelrecht, zonder enige twijfel, je gehoorgang in te vliegen. Raimon probeerde ze als een kungfu master van zich af te slaan en ik had de Sha-na-na-na-na-na tacktiek van Luv, met bijbehorende handen dansje naast mijn gezicht. De Aussie salute bleek de uitkomst, je doet alsof je salueert, maar in plaats van je hand op slaap te laten rusten ga je voor je gezicht langs. Algemeen bekende saluut dus hier.

Kerst collectie:

“I’m dreaming of a white christmas” galmt door alle luidsprekers, voelt toch enigszins gek om te horen, terwijl jij de bush fly bent weg aan het salueren van je zwetende bovenlip. De bevolking is hier een stuk enthousiaster over de persoonlijke kerstversiering, vanaf begin december loopt men al met kersttrui of kerst blouse, met de print van Will Ferell in “Elf” als populairste afdruk. Ook zien we dagelijks met kerst accessoires versierde diademen voorbij wandelen. De sfeer zit er dus goed in.

Het was weer heel fijn hier te zijn, aardige mensen, mooie natuur. Heerlijk met je eigen vervoer op weg, wat je zoveel meer flexibel maakt. Australië mag doorgaan met een 8,5 in het rapport.