NZ road trip part II

Lake Wanaka, Fox & Franz Josef glacier

Na Milford sound zetten we koers naar Lake Wanaka, omdat er in NZ niet veel wegen zijn moeten we weer helemaal via dezelfde route als we kwamen terug. Wat hier dan wel niet heel erg een straf is. Omdat je ipv in Nederland geen ANWB paaltjes telt maar de plekken waar ze de Lord of the rings trilogie opgenomen hebben. Frodo met zijn “precious” ring kan ieder moment van Mordor af komen rollen en de knappe Legolas, in tights, met Gimli in het kielzog, zouden zo ten strijden kunnen trekken tegen al die wild kampeerders hier in NZ.

Dus Lake Wanaka, dit is het op 3 na grootste meer van Nz, hier doen we al wandelend de Diamont lake loop. Duurde ongeveer 3 uurtjes, maar de uitzichten waren het meer dan waard:

DSC06455

De Fox Glacier, begint op een hoogte van 2600 meter en eindige op 300 meter in het regenwoud, best bijzonder dus! Hij lag toen we aankwamen in een laag dikke wolken en dit zou de dag erna ook zo blijven. Dus zijn we hier een dag langer gebleven dan gepland om toch een beetje gletsjer te kunnen zien. Vlak bij de gletsjer kon je een glowworm walk toen tijdens de donkere uurtjes. Omdat het hier altijd pas rond 9 uur donker wordt (heerlijke lange dagen) gingen we rond half 11 op pad. De route zou met daglicht 20 minuten duren, maar in het pikkedonker (midden in het regenwoud, dus ook niet veel maanlicht te zien) was het een ander verhaal. Voetje voor voetje zijn we vooruit geschuifeld met miljoenen kleine lichtjes om ons heen kwamen we er een uurtje later weer uitgestrompeld. Super mooi, maar helaas te donker om te fotograferen.

Dus Fox glacier (13km), bleef tot 2009 groeien, in 2006 zelfs 1 meter per week, maar helaas is hij nu heel erg snel aan het slinken. Helaas was een groot deel zwart:

Franz Josef glacier (12km lang), onderste gedeelte ook zwart en eindige ook in het regenwoud, maar er viel nog een wit deel van de gletsjer te zien:

Matheson Lake, met de perfecte reflectie van Mount Cook, dit keer Mount Cook van de andere kant bekeken (west kust). Op de foto zie je voor Mt. Cook een grote wolk en links daarnaast staat Mount Tasman. Wat voor onze patriottische hartjes natuurlijk veel belangrijker is dan de hogere Mount Cook. Abel Tasman was vele decennia eerder dan mr. Cook al eens in NZ en toch laten ze die fish en chips etende Cook met de eer strijken. Als Abel even had doorgezet reden ze hier nu niet gewoon maar aan de verkeerde kant van de weg, was het nationale gerecht misschien zoervleisj geweest en had ik geen carnaval hoeven te missen.

NZ Road trip part I

Mount Cook & Milford Sound

We halen dus ons nieuwe racemonster op en off we go! Dit keer is het niet echt een camperbusje maar meer een grote wagen. Hij rijdt fijner, maar is zeker minder schattig, zonder al die schattige paarse bloemetjes.


First stop, Mount Cook, dit is met zo’n 3724 meter de hoogste berg van Nieuw Zeeland. Hij ligt in het nationale park Aoraki, dit park heeft in totaal 72 gletsjers. In het park doen we de Hooker valley track, met als wauw uitzichten:


Wat heerlijk om weer rond te kunnen crossen, vooral in dit land! Alles is mooi, iedere centimeter van dit land is weer anders en is even indrukwekkend. De campings liggen op de mooiste plekjes en zijn vaak gratis en voor niks als je niks om een frisse douche geeft. Niks vervelende lange saaie wegen, maar constant met de mond open van verbazing rondrijden:


Next stop, Milford sound (de bekendste fjord in het fiordland national park die 16 km lang is), we zijn er 2 dagen, de dag van aankomst regent het pijpenstelen (geen pijl op te trekken dat weer in Nieuw Zeeland), maar het was geen straf om een middag in de keuken door te brengen met andere reizigers. We hebben weer veel tips gekregen over Nieuw Zeeland en andere toekomstige bestemmingen. De dag erna doen we een boottocht door de fjorden:


En wat wandelingetjes door het park:


Greetz de sjengen from NZ

Christchurch & Akaroa

Een land dat wel heel hoog op de bucket list staat is Nieuw Zeeland en raad eens waar we nu zijn?!?! Vanaf Sydney zijn we naar Christchurch gevlogen om het zuid en noord eiland, van dit hopelijk zo’n te gekke land, te bezoeken. Hier hebben we 4 weken voor uitgetrokken. Veel te kort natuurlijk, maar helaas werkt het budget niet mee voor een langer bezoek. Dus we moeten een redelijk tempo erop houden om te kunnen zien wat we willen zien.

We landen dus in Christchurch waar we de bus nemen naar Sumner, dit plekje ligt net buiten Christchurch aan de kust, waar we een te gekke airbnb hebben van een heel leuk Nederlands stel. Christchurch zelf lijkt toch nog wel een beetje op een war zone, na de grote aardbeving van 2010 (7.4 op de schaal van Richter). Er ligt nog veel in puin en ze zijn overal aan het herbouwen. Ook moeten alle ondergrondse leidingen en rioleringen nagekeken worden, wat dus betekend dat alles open ligt. De bevolking is positief omdat alles nu aardbeving proof gebouwd wordt.

Maar goed Christchurch heeft verder dus een hele leuke airbnb, een te gek museum (Canterbury museum):

Een super mooie botanische tuin:

Coole graffiti:

En veel aardige mensen.

Vanaf Christchurch hebben we de shuttle bus naar Akaroa genomen, Banks Peninsula is een oude enorme vulkaan krater, hier ligt de leuke Franse nederzetting Akaroa:

Hier hebben we een boottochtje gemaakt om de zeldzame Hectors dolphins, pinguins, zeeleeuwen en de mooie krater te zien:

Nu halen we ons nieuwe racemonster op en gaan we op weg naar Mount Cook.

Recap Australië

Australië stond eerlijk gezegd niet heel hoog op mijn lijst, maar aangezien we er toch langs kwamen en Raimon erop aandrong (was niet heel veel voor nodig), hebben we toch maar een tussenlanding gemaakt. En gelukkig maar! Het is een super fijn land om in te reizen. En oh wat fijn om je eigen “wheels” te hebben wat een vrijheid! Ff wat pros en cons.

Het hebben van een campertje is een grote pro. Okay ook niet heel goedkoop, maar wat is dat wel daar, zoveel vrijheid en ook zat gratis campings. Langs de weg zijn om de 20km rest stops met een barbecue en toiletten, te gek dus. Het zelf koken heeft ook zo zijn voordelen, ff weer eens eten waar je zin in hebt en het hoeft niet heel duur te zijn zo. Altijd je eigen wijntje in de “bag in the box” en je eigen olijfjes in de koelkast. Iedere avond feest dus…… behalve dan als het regent! En het regent regelmatig zo in het regenseizoen…. Voor regen was onze hippie camper echt te klein, achter kon je hem als zit gedeelte of slaapgedeelte gebruiken. Meteen de eerste dag hebben we hem omgetoverd naar bedje en nooit meer terug getoverd, puur omdat het veel te veel werk was. Dus als het regende hadden we de optie om naar bed te gaan, of de optie om…. naar bed te gaan, met of zonder eten. Gelukkig was dit niet vaak het geval. Ook zijn de camping huisgasten helemaal het einde. Van kangoeroe’s en dinosauriërs tot kaketoes. Toiletten, douches en keukens waren afwisselend van spik en span schoon tot “liever nog je handen amputeren dan de kraan aan te raken” smerig.

Het landschap in de Oost Australië (in ieder geval tussen Cairns en Sydney, gereden over het algemeen via highway 1), was enorm saai. Af en toe een erg mooie scenic beach route, maar over het algemeen, “sugar cane honey” en veel cattle (vee). Maar als je tijd hebt (uurtje binnenland in en een uurtje eruit) kom je ook wel weer in mooie natuurparken  terecht. Verder zijn de dorpjes, steden, “alla” Amerika, grote shopping malls buiten het centrum, alles ligt ver uit elkaar en moet met de auto gedaan worden, er is ook nauwelijks gezelligheid in de centra. Maar wat echt onbeschrijfelijk en voor onze ogen nog onvergelijkbaar mooi is, is de kust, de mooie stranden, de te gekke eilanden en natuurlijk de onderwaterwereld. Oh ja de Blue Mountains zijn ook zeker een bezoek waard! En Sydney, wat een leuke stad, zoveel sfeer!! Naar horen moet Malbourne ook te gek zijn, dus we gaan zeker wel een keer terug!

Wat van de ene kant het einde is, maar van de andere kant angstig, zijn de verschillende soorten beesten en beestjes die daar leven. Van zachte knuffelachtige koala’s tot zoveel soorten dodelijke slangen en spinnen. Gelukkig zijn er meerdere niet giftige dan wel “dropdead” giftig. Maar het advies blijft: benader alles als mogelijk giftig. Je weet het gewoon niet. Iedere keer als je je schoenen aantrekt kan je maar beter een minuutje of 10 klopjes erop blijven geven voor het geval dat…. ( jaja de gevaarlijkste spin (tunnelspin) houdt van schoenen). Maar walibi’s die vooral in t noorden allemaal om je heen springen en zelfs voor een knuffel langs kunnen komen, doen die kronkelige of 8 potige duivels voor een groot gedeelte te niet. Wat ook helemaal te gek is, zijn hun vogels, alle kleuren zijn vertegenwoordigd, de ene mooier dan de andere. Sommige met super irritante geluiden, andere met mooie rustgevende tjilpjes.

De Bevolking van Australië is erg vriendelijk, super behulpzaam en heel erg “droog” grappig. Iedereen groet je op straat met een “how are you mate” uitgesproken als howaajameet, het antwoord hierop hoort zoiets te zijn als “good, thanks, what about you”, als je echt zou willen losbarsten over hoe je eksteroog zich ontwikkeld, zijn ze allang vertrokken. De Aboriginals (oorspronkelijke bewoners van Australië) zijn alleen in het noorden te vinden. Dit komt omdat de overheid ze daar centraliseert. Als je in noorden bent wordt je geadviseerd om deze mensen niet in de ogen aan te kijken omdat ze zeer agressief zijn…. Ergens is de integratie van de Europeanen niet goed gegaan. De Aboriginals hebben nog erg veel haat naar de blanken toe die hun land afgepakt hebben (zijn natuurlijk enkele uitzonderingen). Ze willen niks met blanken te maken hebben, dus niet met ze werken en het betekend ook dat veel kinderen van deze bevolking helemaal niet naar school gaan. Per week krijgen ze een pasje met voldoende geld erop zodat ze ook daadwerkelijk niet hoeven te werken, hier kan alles behalve drank en drugs van gekocht worden. Ergens is hier dus iets misgegaan.

Het eten in Australië is een mix tussen Europeaans en Amerikaans. Eigenlijk hebben we daar altijd lekker gegeten en is echt alles verkrijgbaar in de supermarkt. Het is wel erg duur. Zo betaal je voor een pizza zeker wel $25. Maar aan de andere kant zijn de porties dan weer zo, Amerikaans, groot dat je hem best kunt delen, wat het dan weer okay maakt.
We waren ook weer blij dat we gewoon uit de kraan konden drinken, al wordt het water wel gezuiverd met chloor, wat het dus niet heel lekker maakt. Maar goed, je hoeft in ieder geval niet bang te zijn voor de buikloop als je sla ermee gewassen is. Er wordt ook heel veel ginger beer (das alcoholvrij) gedronken, dit vind ik thuis niet te drinken, maar hier smaakt het bijzonder goed. Alcohol is niet verkrijgbaar in supermarkten, daarvoor kun je terecht bij een “bottle shop”, wat ze ook in een “drive thru” variant hebben. Deze winkels hebben leuke, alla gall& gall, aanbiedingen van 2 voor de prijs van 1 voor de wijn. Ook heb je een hele goedkope “bag in a box” variant voor wijn, dit heet hier goon, hele zoete troep die geen wijn genoemd mag worden. Het wordt onder de jongere backpackers erg veel gedronken, het is de goedkoopste manier om dronken te worden. Ook zij er overal veel micro breweries te vinden, met erg lekker bier. Maar helaas is bier, voor ons, in dit land zo goed als onbetaalbaar.

Dit was het dan alweer voor Australië, we gaan zeker wel een keer terug, dan voor een ander deel. We geven het land een 8.
Op naar Nieuw Zeeland!!!!

Pretty Sydney

Onze road trip zit er dus helaas alweer op. We leverde de camper in en mochten nog 4 dagen genieten van Sydney. Ik had er wel al veel goede verhalen over gehoord, maar je moet er echt zelf zijn geweest om te weten wat voor een fijne vibe hier heerst.
In de wijk Chippendale hadden we airbnb, super leuk huisje wat zo’n 10 minuten lopen van Central ligt. Het is een wijkje net buiten de drukte en als toerist zou je er nooit komen als je er niet echt moet zijn. Veel leuke lokale barretjes en koffiezaakjes.
Sydney is erg veelzijdig, van mooie “oudere” gebouwen tot hoge skyscrapers, van de drukke Darling Harbour tot het rustige Millers point, van de mooie lange stranden tot de vele winkeltjes voor de shopaholics, van de vele fast food ketens tot de meest hippe eettentjes die ik ooit gezien heb, van de arbeiderswijk “The Rocks” tot de uitgaansbuurt Kings Cross en ga zo maar door.

We hebben vooral veel door de mooie en afwisselende wijken geslenterd. Met de mooie uitzichten van bijvoorbeeld het welbekende “Sydney Opera House”:

De indrukwekkende “Sydney Harbour Bridge”, er werd 6 jaar aan deze brug gebouwd en is in 1932 geopend voor  verkeer het is de grootste stalen boog brug ter wereld, toch heel wat voor die tijd. Bij de bouw zijn zo’n 16 werkers om het leven gekomen, schil contrast ten opzichte van de bouw van de Chinese muur, maar toch heel wat.

De mooie wandeling van Bondi beach naar Coogee beach:

De ferry naar Manly en het mooie uitzicht:

dsc05919

dsc05885

De musea op een regenachtige dag. Museum of contemporary art en the rocks museum:

Leuke avonden gehad met lekkere biertjes en heerlijk eten:

Dit was het dan alweer voor Australië, net als alle andere landen, voorbij gevlogen, helaas!!!!!

Road trip part 4

Hunter valley & Blue Mountains 18 t/m 21 feb

Shiraz & Semillon, “DE” druiven uit Hunter valley. Thuis drinken we nooit 100% Semillon en eigenlijk ook zelden een 100% Shiraz. Maar dit zijn net de druiven die hier goed gedijen. Hunter Valley is een wijngebied zo’n 1,5 uur van Sydney af, tijd voor een detour dus! Eigenlijk zijn de Semillon en de Shiraz druif ook echt de enige druivensoorten die het hier prima doen door de hete zomers. 2 dagen voordat we daar waren was er nog een hittegolf, niet zo een als bij ons die bij een paar dagen 30 al als hittegolf bestempeld wordt. Maar er zijn dagen van eind 40 geweest…. tijdens het oogstseizoen dus… Na zo’n hitte is meestal storm op komst… ja, goed geraden, we waren erbij, enorme hagelstenen, maar gelukkig waren ze allemaal net diezelfde dag klaar met plukken. En was Bruce Springsteen zijn concert (wat helaas het 3 dubbele koste als in ieder ander land) nog net niet begonnen. Je hebt er echt goede wijnen tussen zitten, maar over het algemeen veel te duur ten opzichte van Europese wijnen. Het bekendste merk in Nederland (AH) uit deze vallei is Lindemans wijn, deze kost bij ons de helft (hamster weken zelfs not included) dan in Australië zelf. In Cessnock zijn we blijven slapen, “the gate to the hunter”, echt geen ruk te doen!!! Je verwacht wat leuke wijnbarretjes en goede eetzaakjes, maar niks van allen. Helaas zijn er ook niet veel andere spannendere opties voor een overnachting in de vallei.
Bij elkaar hebben we zo’n 11 wijnhuizen bezocht, zie onze collage:

The Blue Mountains, vlakbij Sydney, de grand canyon van Australië. De hele canyon heeft een beetje van zo’n  blauwe gloed, dit komt door de dichte eucalyptusbossen in de vallei, vandaar de naam. Er zijn vele watervallen, en mooie stukken regenwoud te vinden. De 3 sisters (de 3 punten te zien in de foto’s) zijn het bekendste beeld en er gaan meerdere mooie verhalen de ronde over het ontstaan hiervan. Nooit pure wetenschap maar mooie verhalen over magie, die natuurlijk veel leuker om te horen zijn dan die vanuit de schoolbanken. Zo is een ervan, in het heel kort samengevat, dat er 3 zussen verliefd waren op 3 broers van een andere “tribe” wat absoluut niet mocht en daarom werden de zusters veranderd door de “wijze man” van het dorp in steen. De wijze man zou ze ooit weer terug veranderen, maar hij overleed helaas voor hij dit kan doen….. dus de vloek is nog altijd niet verbroken. Helaas was een aanblik van ons ook niet genoeg om de magische vloek te verbreken.
We sliepen in het plaatsje Katoomba, een van de leukere plaatsjes die we in Australië tegen zijn gekomen. Vanuit hier kun je mooie wandelingen maken door de Blue Mountains zonder zelfs nog maar in je auto te stappen.

dsc05715

dsc05766

Helaas was dit het einde van onze road trip door Australië. Met pijn in ons hart leveren we ons racemonstertje in. Op naar Sydney!

Road trip part 3

Goldcoast – Nelson bay 12 feb t/m 17 feb

De “Goldcoast” is HET surfparadijs! Alles reilt en zeilt om coole surfer dudes. The crowd waar wij natuurlijk feilloos tussen blenden, hahaha. Met 2 linker benen toch echt wachten op een gebroken teenkootje of erger. Toch zijn we op weg naar dit hippe stuk van de oost kust. Met Surfers Paradise als middelpunt. Dit plaatsje is zo populair dat de prijzen sky high zijn voor een camperplaatsje. Dus rijden we toch maar uit het, zo bij ons passende hippe, kustplaatsje. We stranden een 25km verderop bij Kingscliff. Het klinkt ook hip en zal het ook zeker zijn voor de 75+ onder ons. In plaats van “hanging and partying with the surfcrowd” werden onze avonden ingevuld met een heftig potje bridgen en een stevige pot thee. Maar de Goldcoast is wel echt de moeite waard en bij ieder plaatsje ligt een te gek stukje kust.

Tevens aan deze kust ligt onze volgende stop namelijk Byron bay, ook weer zo’n uitermate hippe bestemming. Heel relax en ik kan begrijpen waarom vele hier blijven hangen. Je kan er een mooie wandeling maken op het schiereilandje bij de vuurtoren. Wederom net als in al deze plaatsjes een te gek uitzicht, met als slagroom op de al overheerlijke taart…… dolfijnen, heel veel dolfijnen, te veel om te tellen.

Omdat we nog maar 8 dagen camper over hebben en de laatste 4 in de buurt van Sydney willen doorbrengen rijden we vandaag 400 km verder naar het zuiden, zodat we het grootste deel al afgelegd hebben. We stoppen in Port Macquarie. We bezoeken de lokale brouwerij “Black Duck” voor een proeverij, hmmm. En gaan we naar het koala ziekenhuis, hier zitten bijvoorbeeld koala’s die aangevallen zijn door honden, verbrand zijn door bosbranden, maar vooral koala’s die de seksueel overdraagbare ziekte, chlamydia (schijnbaar is de helft  van de populatie besmet), met zich meedragen. Jaaa ze zien er wel schattig uit, maar wat ze het liefst doen is van bil gaan en maken er dan een geluid bij die zelfs de slechthorende doet ontwaken. Dus we hebben een van deze seksmaniakken geadopteerd, hij heet Clarence Neville. Eindelijk gezinsuitbreiding, maar dan op afstand.

250 km verderop ligt Nelson Bay, ook hier bezoeken we een brouwerij, vele mooie strandjes en last but not least een oysterfarm, de “Sydney rock oyster” is de naam van dit glibberig beestje. Ik ben alles behalve een oester fan, maar deze waren echt verrukkelijk! Bad luck voor Raimon die hoopte het hele dozijn in zijn eentje naar binnen te kunnen werken. Op de camping hadden we bezoek van een enorme (1,5 meter) leguaan en deze “dinosauriër had het gemunt (of misschien een oogje) op “het lekkere hapje” Raimon. Jong die kunnen rennen…. en die Raimon kan springen….. zo op de tafel. Ik geloof dat zijn doel in dit leven campinggangers terroriseren is, geen slecht doel lijkt me zo.

Dat was hem weer voor even. Nu op naar Hunter Valley voor wijn, veel wijn

Road trip part 2

Airlie beach – Noosa 4 t/m 11 feb

Na de Whitsundays tocht vertrekken we meteen richting Eungella national park. We wilden daar een heel bijzonder beestje gaan spotten. Het heeft het lijfje van een mol, het snuitje van een eend, legt eieren en heeft een giftige angel voor in het gevecht. Rara wat is het…… het vogelbekdier natuurlijk (heet in het Engels trouwens geen birdbeakanimal maar platypus). Bij zonsopkomst en ondergang is de meeste kans hem te zien, dus dat gaf ons 2 pogingen aangezien we in het park wilde blijven slapen. Heel veel bubbeltjes…. en ja hoor daar was er een en daar nog een!!!!! Yesssss, first shot meteen 2 gespot. Tijd om te proosten!!!!!! Helaas we zitten midden in een regenwoud (zo’n gratis campsite), het is 19:00 uur, begint donker te worden en te regenen, dus het enige wat ons rest is maar op tijd het bed in te gaan. Ruitjes open of dicht, de keuze is hitte of de mogelijkheid op spinnen, slangen en ander ongedierte binnen. Toch maar ruitjes open.


We gaan weer terug richting kust, namelijk the town of 1770, mooie stranden en fijne sfeer. We slapen op een kleine camping (horizons kangaroo sanctuary) waar ze Joey’s opvangen (puppy kangoeroe’s). Er worden enorm veel kangoeroe’s aangereden in Australië, bij een aangereden moeder is het soms het geval dat de puppy in de buidel het overleefd, deze werden op deze camping opgevangen. Ze sprongen overal, kwamen naast je tafeltje zitten en lieten zich gewoon knuffelen. Als je ’s nacht naar de wc moest werd je gevolgd door een stuk of 7 van die schatjes.
Ook hebben hier meegedaan aan de scooteroo tour, ff bad ass op een “chopper” rijden. Was erg cool, al waren het maar 50 CCtjes, ze maakte toch dat ronkende geluid waar ik me normaal zo aan irriteer. misschien moet ik toch mijn motorrijbewijs gaan halen…..


Hervey Bay, Fraser Island, toch maar. We hebben lang getwijfeld of we wel zo nodig naar Fraser Island moesten. Iedereen die we spraken was vol enthousiasme, maar toch sprak het ons niet heel erg aan. De kosten speelden natuurlijk mee, je moet zeker rekenen op 400aus$ pp. Dus een slag in het budget. We zijn waarschijnlijk maar een keer in ons leven in dit gebied in Australië, dus zijn toch maar voor “go” gegaan. Een erg mooi en bijzonder eiland, het grootste zandeiland (125 km lang en 15 breed) van de wereld, met veel enorm mooie meren en een regenwoud in het midden van het eiland en… dingo’s. Achteraf zou ik zeggen, toch wel iets om gezien te moeten hebben, maar zou het eerder overslaan dan de nog indrukwekkendere Whitsundays. Wat wel echt de moeite waard was was de vlucht over Fraser (trouwens niet inclusief). We zijn hier 2 dagen gebleven en onze eerste dorm stay mogen meemaken.

Noosa ligt aan de goldcoast, het lijkt een beetje op Venetië met al zijn riviertjes en kanaaltjes en tevens ook op San Tropez met de luxe villa’s een eettentjes. De kust is geweldig en de nationale parken erg mooi. Ook op de deze camping was er bezoek, groene boomslangen die uit de bomen sprongen….. ieeeeks.

Tot laters!!!!!!!

Road trip part 1

Cairns – Airlie beach 30 jan t/m 4 feb
Onze te hippe hippie camper halen we op in Cairns om zo met dit racemonster onze eindbestemming Sydney te bereiken. Het is een heel oud beestje, roest en beschadigingen all over de place, de pook sputtert iedere keer wat tegen als we hem in een andere versnelling proberen te zetten, maar verder rijdt hij prima. Met de radio op max en een inmiddels gevulde koelkast gaan we al meeblerrend met 100 km per uur (max. snelheid hier in ausie land) op pad. We voelen ons king en queen of the roads!
Het eerste uurtje buiten Cairns is super mooi, oceaan aan de ene kant, bergen aan de andere kant en op ieder veldje wel 100de wilde kangoeroes, Australië op en top. Helaas veranderde deze uitzichten van highway 1 al snel in “as far as the eye can see” velden met suikerriet, suikerriet en nog eens suikerriet.

Eerste stop is de koala sanctuary in Kuranda om een koala eens flink te gaan knuffelen, ze zijn zoooo schattig.
Omdat we iedere dag geen al te lange afstanden willen afleggen is onze eerste stop hull heads om een camping te zoeken. Onderweg wel nog wat mooie strandjes bezocht wat ervoor zorgde dat we net voor het donker op de plek van bestemming waren. In het donker wil je echt niet rijden in Australië. Ik heb nog geen lantaarnpaal kunnen spotten buiten de steden. We waren de enige op de camping en verder was het echt pikken donker daar. Dus we hebben wel triljoenen sterren gezien, das genieten. Er werd ons alleen nog op het hart gedrukt op te letten voor de krokodillen die wel eens uit het riviertje konden komen, waar we natuurlijk pal naast stonden….😨. Tjonge jonge doodsangsten toen ik met mijn hoofdlampje op naar de wc sprintte midden in de nacht.

De tweede en derde dag stond Townsville op de planning, vanuit hier kan je met de ferry over naar Magnetic Island. Townsville zelf is een leuke stad, met een mooi aangelegde boulevard en haven. Vanuit hier dus naar Magnetic island (werd zo genoemd door James Cook, omdat zijn kompas iedere keer op tilt sloeg in de buurt van dit “magnetische” eiland) om koala’s in het wild te spotten. En ja hoor……. het is ons gelukt, 2 grijsharige beertjes hoog in een eucalyptus boom. Ze zijn normaal moeilijk te vinden dus we waren super trots! Verder krioelt het eiland van de rots walibi’s, die alles behalve verlegen zijn.

Next stop Airlie beach. Vanuit hier vertrekken alle tours naar een van de hoogtepunten van de Australische oostkust; Whitsundays. We boekte een 2-daagse tour, met een overnachting op een miljonairs resort. De boottocht was te gek, wederom gesnorkeld bij het Great Barrier Reef, en de dag erna naar whitehaven beach met deze prachtige uitzichten. Best view ever!!

dsc05206

Het resort was echt fancy schmancy, tennisbanen, buiten baden, zwembad, super de luxe kamers. We vonden dat we dit toch wel verdient hadden na 4 nachten camper, hahaha nu al. De vrijheid van een camper is super, maar ’s nachts is het zooooo heet. We zetten al alles open, hebben een ventilatortje op batterijen gekocht, maar het blijft plakken in die bak. Dus een nachtje resort was een ticket voor een langere nachtrust dan 2 uur. Heerlijk was het!

In de middag dat we terug kwamen zijn we meteen doorgereden naar eungelle national park, dit omdat er in Airlie eigenlijk bar weinig te doen is, wegwezen dus.
Daarover volgende keer meer.

We are in the land down under

In Cairns zijn ze super trots op hun natuurwonder the great barrier reef. Maar ze zijn er minstens even trots op dat ze het oudste regenwoud van de wereld naast de deur hebben liggen. Afwisseling ten uiterste dus.
Cairns zelf is een leuk stadje, niet groot, super goed onderhouden en vooral gericht op bezoekers van het great barrier reef. Ze hebben wel 100de restaurantjes en keuze tussen de meest luxe hotels tot de minst luxe hostels. Als je Azië gewend bent is Australië monsterlijk duur. Een dubbele kamer met privé badkamer in een gemiddeld hostelletje is zeker vervijfvoudigd voor ons. En de bierprijzen😉 verzesvoudigd. Over de rest wil ik het nog niet eens hebben. Neem Nederlandse prijzen en dan mag je ze wel zeker verdubbelen…..

Already then, onze reis door Australië (een inimini gedeelte dan). Hij begint om bovengenoemde redenen in Cairns, in het noorden van Queensland, aan de oostkust van Australië.
Voordat we de camper ophalen verblijven we hier 3 dagen in een hostelletje aan de Esplanade (de boulevard).
De hitte is hier maar net te verdagen (zolang je maar in schildpadden tempo voortbeweegt en je tong naar buiten steekt voor verkoeling) en de luchtvochtigheid om in te verdrinken. Wat super gaaf is, is dat ze wel duizenden vliegende honden (vleerhonden) hebben die rond een uur of 7 (schemeringstijd) met zijn allen op jacht gaan, een indrukwekkend schouwspel. Deze vliegers zijn stukken groter dan onze eigen rondvliegende bloeddorstige vampiertjes.


Jullie zullen wel kunnen raden welke trips we gemaakt hebben…… juist!
The great barrier reef, op een erg coole zeilboot met een klein groepje naar Michaelmas Cay en naar Paradise reef om te snorkelen. Wauw wat een ervaring, het rif is, ongelogen, sprookjesachtig mooi! Normaal ben ik niet echt een snorkelaar, maar hier kon ik geen genoeg van krijgen. De mooiste vissen, de meest gekleurde koralen en vele schattige nieuwsgierige schildpadjes. Maar ook veel stingers (kwallen), we hebben ons dus maar in een stinger suite gewrongen. We verheugen ons al op andere delen van het rif.


En natuurlijk Daintree rainforest, het oudste regenwoud van de wereld, het bos is …. groot. We zijn naar Mossman gorge geweest, hebben een “crocodile spotting” boottochtje gemaakt (helaas voelde geen croc zich geroepen zijn gebitje aan ons te tonen) en regenwoud wandeling gemaakt.


Vanaf nu gaat de reis verder als happy campers in onze hippe, hippie camper. Op weg naar Sydney.

dsc05088
Ik weet niet hoe vaak ik nog tijd en wifi heb om de blog bij te houden de komende 23 dagen.
Dus hopelijk tot snel
De sjengen