Recap Thailand

Zodra je Thailand inrijdt zie je het verschil al met de andere zuid-oost Aziatische landen. Ze zijn al zoveel malen verder ontwikkeld en lopen stukken verder voor op de rest. Dit zie je aan de wegen, de gebouwen, de bevolking en hun manier van zaken doen. Dit maakt het reizen door dit land dan ook super makkelijk. Even wat bevindingen op een rijtje:

Eten & drinken. Ja, zoals we al zeiden is de Thaise keuken onze favoriete keuken hier in zuid-oost Azië. Heerlijke curry’s, noodelsoepjes, loempiaatjes, pad thai and so on, and soooo on. Wat ons wel opviel was, dat het overal alles behalve pittig opgeleverd werd op je bordje. Omdat het overal zo toeristisch is, krijg je standaard de flauwe versie. Je mag van geluk spreken als er gevraagd wordt hoe je je curry het liefst eet op de “pittigheids-” wijzer. Mocht je denken ik ga maar voor “a bit spicy”, want die Thaien weten van wanten, dan zullen ze geen pepertje aan je verspillen en draaien ze maximaal een keer met de pepermolen erboven. Als “medium spicy” je keus wordt, dan is je gemiddelde zoete chilisaus nog pittiger. En van de “spicy” versie zullen er zeker geen vlammen uit je kont komen. Deze richtlijnen gelden voor de toeristische plaatsen, deze graadmeters zou ik misschien niet hanteren op het platteland. Maar buiten dit blijven de smaken van de kruiden die ze gebruiken heerlijk! De fruitshakes die worden verkocht op iedere hoek van de straat zijn het einde en voor een luttele €0,50 heb je een grote beker vers mangosap of een van die andere tientallen exotische vruchten die ze daar hebben, met crushed ice, hmmm. Wel ff opletten dat ze het fruit ook echt voor je neus schoonmaken. Oh ja vergeet bijna de, oh zo belangrijke, bierprijs te vermelden, in de supermarkt zo’n 50 a 60 bath (ongeveer €1,50, wat volgens Raimon een schande is, want thuis in de supermarkt is het goedkoper) in een restaurantje 80 a 100 bath (ongeveer €2,50, ook schandalig, want dit zijn de duurste biertjes van deze reis tot nu toe).

En dan die eeuwige rots in de branding, de 7 eleven, die om de 100 meter voor je opdoemt:

DSC04014.JPG

Toerisme is een grote inkomstenbron voor de Thaien. Wij, toeristen, gaan massaal naar Thailand voor het weer, de cultuur, de bevolking, de natuur en niet te vergeten het eten. Zo’n enorme toestroom aan kuddes vakantiegangers heeft zo zijn voordelen, maar ook zeker zijn nadelen. Een groot nadeel, vind ik, is dat je altijd op je hoede moet zijn. Overal loert het gevaar om flink bezeikt te worden als goed vertrouwende reiziger, want ze lijken allemaal oh zo schattig. Of het nu de, op het oog lijkende, vriendelijk tuktuk driver is of een of ander “gecertificeerd” reisbureautje, ze proberen je altijd af te zetten. Als iemand je overaardig wilt helpen op straat om je wat wegwijs te maken, weet je dat het mis is en moet je meteen op je hoede zijn, mocht je geen weerstand kunnen bieden aan hun charmes dan is wegrennen je beste optie. Poeh soms zooooo vermoeiend. Dit is een van de dingen die we zekers niet gaan missen. Dit heeft natuurlijk niet betrekking op de doorsnee Thaise bevolking. Degene die niet afhankelijk zijn van toeristen zijn erg “echt” aardig en grappig.

The King, de recent overleden (13 oktober 2016) koning Bhumibol (Rama IX) van Thailand was voor de bevolking een grote held, werd overal vereerd. Hij was al koning sinds 1946 dit maakte hem de langst regerende monarch van de wereld.
Omdat hij zo enorm geliefd was is er een nationale rouw uitgeroepen van precies een jaar, waarvan de eerste maand een hele strikte rouw was. Zelf hebben we niet heel veel gemerkt van de rouwperiode qua toerisme. Alle winkels, restaurantjes en barretjes waren gewoon open. Wel zag je enorm veel herdenkingsfoto’s van hun voormalige vorst door het hele land. In Bangkok zagen we iedere dag duizenden Thaien, in zwart gekleed, voor het paleis rouwen. Ook werd het jaarlijkse grote nieuwjaarsfeest in Bangkok geannuleerd.
Over de nieuwe koning (de zoon van Rama IX), Rama X, spreken de Thaien niet, maar naar horen is hij niet erg populair onder de bevolking en is het eerder een playboy dan een heerser. Ze hadden liever zijn zus aan de macht gezien. Hopelijk gaat het meevallen en gaan ze hem toch nog iets van hem waarderen.


De bevolking, het eten, de steden, de natuur en haar mooie eilanden maken van Thailand natuurlijk een super vakantiebestemming. De enorme toeristen toestroom (waarvan wij natuurlijk ook deel uitmaken) is een minpunt. Wij gaan voor een 7, waarschijnlijk ook omdat het onze tweede maal was en ons dus niet veel nieuws verbaasd heeft.

Dit was onze laatste stop op het vaste land van Azië, op naar Indonesië!

 

 

 

 

 

Catch some rest on Ko Chang

dsc04464

Na de drukte van bangkok en de nog grotere drukte van Maastricht en omstreken hadden we natuurlijk weer rust nodig, alsof we de laatste 5 maanden ooit stress ervaren hebben….
De eilanden in het zuiden van Thailand waren geen optie, door de hevige regenval met bijbehorende overstromingen, dus werden de “bounty eilanden” opties minimaal. Ko Chang was altijd al populair onder de Thaise bevolking vooral omdat het eiland maar zo’n 4 uurtjes rijden (exclusief ferry overtocht) van Bangkok ligt, dus tijdens een lang weekend makkelijk te bereizen. Maar de westerse toeristen zijn vaker op de zuidelijke eilanden te vinden. We zijn er 4 dagen geweest en het voelde als lang niet lang genoeg. Het eiland is voor het grootste gedeelte bedekt met jungle waarin je mooie tochten kan maken, het archipel Ko Chang bestaat uit 50 eilanden die je leuk met een bootje kunt bezoeken en de stranden zijn heel relaxt. Het was hoogseizoen en daarbij opgeteld de toeristen die uitweken van de zuidelijke eilanden was het nog bij lange na niet zo druk dan in het laagseizoen op Ko Samui, het voelde in ieder geval niet zo.
De zee was heerlijk, met de perfecte temperaturen en leuke barretjes.


De wegen waren perfect om een tochtje op de scooter te maken over het eiland. We hebben alle uithoeken dan ook gezien.


Op aanraden van Claire en Simone zijn we bij een naamloos eetstalletje terecht gekomen en niet meer weg gegaan. Het prijsverschil tussen het vasteland en de eilanden van Thailand is redelijk hoog, maar deze naamloze zaak had daar gelukkig schijnbaar geen weet van.

Deze laatste 4 dagen vooral genoten van het Thaise eten, de Thaise zon en de overheerlijke fruitshakes die niet veel duurder zijn dan een flesje water. Dit was alweer de laatste halte in Thailand, op naar Indonesië om Bali en de Gili eilanden samen met mams te ontdekken, zoveeeel zin in.

Bangkok, life and kicking

Waar te beginnen…. het is altijd een feest om terug in bangkok te zijn. 1000 en 1 dingen te zien en te doen. Zoveel verschillende wijken die allemaal een geheel andere sfeer uitstralen. Van skytrains en skybars tot het mooie paleis en de kleine straatjes bij Khao San road, waar het altijd feest lijkt te zijn.

We waren er 2 dagen voordat we naar huis vertrokken voor de kerst en nog eens 3 dagen bij terugkomst. Onze backpack hadden we in het hostel laten staan tijdens die 2 weken dus zijn we ook weer naar dezelfde plek vlakbij Khao San teruggekeerd om onze citytrip af te maken.

6 Jaar geleden hebben we al enkele dagen in Bangkok doorgebracht en al het nodige gezien, maar nog lang niet alles.
Ditmaal, Wat Pho:


Wat Arun:


Golden Mountain, voor het uitzicht:

Standing buddha:

Marble temple:

Ook waren we nog nooit naar een floating market geweest, iets wat toch wel wordt aangeraden door de velen. Dus we moesten er deze keer toch echt aan geloven en boekte een tripje. Misschien hadden we de verkeerde drijver te pakken, maar wat een enorme toeristische bedoeling! Geen Thai te bekennen en waar we hoopte op een markt waar voedsel werd verhandeld, kregen we weer precies zo’n zelfde markt als overal te vinden met souvenirs en flodder broeken langs de kanalen. Okay er waren een paar vrouwtjes op het water pad thai aan het bereiden of coconut ice cream aan het verkopen en daar had je het dan wel mee gehad. Geen aanrader dus! Maar ja we kunnen het afstrepen.

Verder hebben we weer heerlijk onze buikjes rond gegeten bij de vele straatstalletjes en rondgeslenterd door de vele staatjes die Bangkok rijk is. Het was weer te gek en we kijken uit naar een volgend bezoek aan Bangkok.

Nu weer in de relax modus en op naar Ko Chang

Oost, west, thuis kerst

Verrassing!!!!!!!! Het woord dat we de afgelopen dagen regelmatig uit volle borst geschreeuwd hebben en wat op vele verbaasde gezichtjes af te lezen was.
Op mijn broer en de oudste broer van Raimon na wist niemand van de families dat we eraan kwamen. Tjonge jonge wat hebben we gelachen, gehuild en vooral genoten van die verwarde, blije en emotionele gezichten.
Aan de beslissing om naar huis te gaan voor de feestdagen zijn nog wel wat discussies vooraf gegaan. Dat we het liefst bij vrienden en familie waren tijdens deze dagen stond buiten kijf. Maar het bracht ook wel genoeg kosten met zich mee, een hele lange vlucht en 2 weken minder voor de wereldreis.
Nu we de balans op maken was deze beslissing het dubbel en dwars waard om ff over te vliegen. Alles wat we de (bijna) 4 maanden vooraf gaande gemist hadden hebben we goed ingehaald. Van een potje spread, paar blokken kaas, stampotten en stoofpotjes tot heel veel gezelligheid. We zijn weer helemaal opgeladen voor nog veel meer reizen!!!!

Maar goed, er zijn best wat dingen die je opvallen meteen bij aankomst in Nederland na 4 maanden reizen:
De stilte, we stapte de trein in en iedereen is met zichzelf bezig, geen luidruchtige of riekende Aziaten, maar ook geen nieuwsgierige burgers die het leuk vinden om een praatje te maken. Deze werden in Nederland omgeruild voor een fris gewassen, minder luidruchtig, maar ook minder sociaal volkje. En nee, we zaten niet toevallig in een stilte coupe!

De pot, je voelt je bijna euforisch om weer eens boven een schoon toilet te kunnen hangen. En trots om Nederlander te mogen zijn als je dat sjietpapier eindelijk weer eens in de wc mag dumpen en niet met een vol papiertje allerlei mogelijke capriolen moet uithalen om het vieze dekseltje van het nog viezere prullenbakje moet op te tillen. Daar gaat mijn hygiënische hart sneller van kloppen.

AH to go, een week voordat we aan de terug reis zouden beginnen verheugde we ons al op de AH op Schiphol. Lekker broodje kaas, die geur van “vers” afgebakken broodjes en een bakkie koffie om het mee weg te spoelen. Blij zijn om even niet te hoeven om te rekenen van een vreemde valuta naar de Eurie, maar minder blij met de uiteindelijke vele hogere rekening die je hier betaalt.

Veiligheid, in Azië voel je op iedere straathoek en in ieder stinkend steegje geen enkele vorm van onveiligheid (in ieder geval niet in Zuid-Oost Azië of China). Niet dat we ons in Nederland nou echt onveilig voelen, maar je merkt toch dat je wat meer oplet op bepaalde ongure types en je rugzakje toch af en toe eens wat dichter naar je toe trekt.

Afstanden stellen niks meer voor. Waar ik vroeger op zag tegen de treinreis “helemaal” van Maastricht naar Amsterdam vliegt dit nu, alsof het niks is, om. Kan natuurlijk ook aan de ouderdom liggen, maar ik hoop nog altijd erop dat dit door gewenning komt van de lange ritten die we maken.

We hebben een geweldige 2 weken gehad en voor ons was dit dan ook de eerste keer dat we landden op Schiphol en niet stik jaloers waren op de mensen die bepakt en bezakt klaar stonden om nog aan hun reis te beginnen. De eerste keer dat we echt blij waren om in Nederland te terug zijn.

Nu 2 weken later stiekem ook wel weer enorm blij om weer richting Bangkok te vertrekken om weer wat op te warmen.

Bye bye Mestreech tot gauw!

Voor de rest tot in Bangkok

De Sjengen

 

Chiang Mai & olifanten knuffelen

Terug in ons geliefde Chiang Mai. De mooie stad met haar 300 boeddhistische tempels, een redelijke stad maar doet toch klein en fijn aan. De night bazaar van Chiang Mai, die avond na avond weer opnieuw wordt uitgestald, is overal bekend. Zoveel souvenirs om uit te kiezen, zoveel verschillende kleuren broeken en t-shirts om gek van te worden. Er zijn verschillende food courts te vinden, met de lekkerste gerechten, van authentieke Thaise gerechten tot foodtrucks met de lekkerste hamburgers of sushi. Voor ieder wat wils. Als je denkt dat dit al heel wat is, ga dan naar de zaterdag of de zondagmarkt van Chiang Mai en aanschouw dat het nog veel uitgebreider kan dan de “gewone” night bazaar. Wat een drukte, heerlijk eten en nog leukere souvenirs,nog meer om uit te kiezen (echt een verschrikking voor de twijfelaars onder ons). Ook ligt vlak bij de zaterdag markt de mooie wat Sri Suphon hij is geheel zilver en in de avond wordt hij voorzien van verschillende bonte kleuren:

We zijn nog lang niet tempel-moe…….., en je komt er in Chiang Mai ook niet echt omheen, dus hebben er nog maar een paar bezocht:

De hele reis ben ik al aan het azen op een tripje naar een elephant sanctuary (rescue camp). Wel wilde we alleen naar eentje die de olifanten helpt en ze niet gebruikt voor trucjes of om erop te rijden. In Cambodja zat mijn nummer keuze 1 al vol, in Chiang Mai evenzo, maar gelukkig had mijn tweede keus nog 2 plaatsjes over. Ohhh wat was dat een te gekke ervaring. De olifanten uit het bos halen, ze eten geven (en ondertussen flink knuffelen), met ze rollen in het modderbad en ze dan weer afspoelen, wat ik zelf ook zeker kon gebruiken na dit modderbad. Geef het 2 seconden na het badderen en ze hadden zich alweer bedekt met een flinke laag stof zooo schattig. Erg leuk om te zien dat ze allemaal totaal verschillende karakters hebben. Natuurlijk al een verschil in leeftijd, maar echt iedere olifant is anders en reageert anders. Zo was er Peter, de jongste van het stel( 3 jaar, dan zijn ze echt nog klein) was de echte batteraof, wilde je hem 1 banaan geven dan griste hij de hele tros uit je andere hand, wilde je hem knuffelen, rende hij snel weg en hij deed precies het tegenovergestelde van de rest van de groep. Maar hij was zoooo leuk, met die harde haartjes op zijn snoetje:

Verder zijn we nog een dagje gaan fietsen en in de dierentuin geëindigd, die trouwens erg leuk daar is, met redelijk wat ruimte voor de dieren, mooi aangelegd is en een mooi aquarium heeft:

4 dagen Chiang Mai zit er alweer op, op naar Bangkok!!!

Chillen in Pai

Pai, is een plaatsje in noord Thailand vlakbij de grens met Myanmar. Het ligt afgelegen tussen de bergen en er gaan maar 2 erg misselijkmakende bochtige wegen naartoe waarvan ene van Chiang Mai. Dus vanuit Chiang Rai zijn we eerst met de bus naar Chiang Mai vertrokken om vervolgens een minibusje te pakken naar Pai. Voor het eerste zijn we in een land waar het “hoogseizoen” is. Dus helaas gaat het allemaal niet zo soepel en zitten de busjes al overvol. We hebben geluk en anderhalf uur later zijn er nog 2 plaatsjes vrij. Mensen die na ons komen moeten wachten tot de dag erna. “Lucky us”. Met dit hoogseizoen moeten we dus serieus rekening gaan houden en kunnen we niet meer overal op de bonnefooi opduiken, maar misschien toch wat meer gaan plannen.

Pai, het plaatsje waaruit je nooit meer weg zou willen gaan. De omgeving is mooi en een scooter huren is een “must” om iets van die omgeving te zien. Dit kost dan ook geen drol. De sfeer is alla relaxte hippie style. Al denk dat dit meer opging zo’n 10 jaar geleden. Nu zijn er heel wat toeristen en is het behoorlijk druk. Er zijn vele eettentjes, barretjes en een leuke avondmarkt waar je echt alles te eten krijgt, hmmmm.

Ons bungalowtje ligt 1,5 km van Pai, de meeste accommodaties liggen trouwens buiten het centrum, is heerlijk, eindelijk een goed bed!!! Gedurende de dag is het zo’n 30 graden en ’s avonds koelt het behaaglijk af naar een graadje of 15. Dit zijn we helemaal niet meer gewend en we lopen in de avond rond als een grote ronde ui bestaande uit verschillende lagen.  Maar voor de nachtrust is het heerlijk.

Met de scooter, natuurlijk “de angsthaas” achterop en mijn held aan het stuur, gaan we er een paar dagen op uit. We rijden langs de Pai canyon (okay okay bij lange na geen grand canyon):

Zien wat watervallen:

De Japanse brug over de rivier Pai, in de WO II onder dwang van de Japanners gebouwd door de Thaise bevolking. Zo’n zelfde verhaal als “the bridge over the river Kwai” dus nu door ons omgedoopt tot “the bridge over the river Pai”:

We hebben een dag 6 uur door de jungle gebaggerd op zoek naar nog een waterval, wauw echt mooi hier, gelukkig was er iets wat moest doorgaan als een paadje. We werden verzekerd dat we de weg niet konden missen, normaal gaat het daar al mis bij ons en is dat, niet te missen paadje, in rook opgegaan. Maar dit keer, wonder boven wonder, hebben we het zonder omwegen gevonden. Verdwalen had je hier niet gewild. Het was een flinke tocht waarbij je zeker 50 keer de rivier oversteekt. Gegarandeerd natte voeten dus! Maar het is daar super mooi:

We zijn hier in totaal 5 dagen geweest, helaas moeten we toch eens verder aangezien we maar een visum voor 2 weken hebben gekregen (als je over land de grens passeert) en we nog graag  een bezoekje willen brengen aan Chiang Mai, waar we veel mooie herinneringen aan hebben. Daarover de volgende keer meer.

X sjengskes

Recap Laos

We hebben een tijd getwijfeld of we Laos wel of niet moesten aandoen tijdens deze trip. Nog een land in Zuidoost Azië? Ze zijn natuurlijk allemaal wel wat verschillend, maar lijken ook wel weer erg op elkaar. De al om bekende slogan van dit deel van Azië “same same but different” slaat dan ook behoorlijk op deze landen. We hadden ons een beetje ingelezen en echte grote bezienswaardigheden heeft Laos niet echt. Maar van de andere kant, het lag precies op de route, en misschien zouden we er spijt van krijgen als we het links zouden laten liggen nu we er toch waren Zoals jullie afgelopen weken hebben kunnen lezen is het dus toch een “GO” geworden.

Natuur:
Laos is een erg mooi land, de natuur heeft vele gezichten, dit vooral omdat het lang is en er dus verschillende klimaten voorkomen. Het is erg groen en nergens op de wereld vind je zoveel olifanten in het wild dan daar.
Tegenover Cambodja is Laos qua natuur en de afwisseling hiervan wel wat mooier. Nadeel het heeft geen kust. Dus voor een weekje onthaasten zou je naar de 4000 eilandjes kunnen of gewoon een ticket uit Laos boeken.

Steden:
De hoofdstad Vientiane is klein, maar daardoor wel heel erg sfeervol, gezellig en ook mooi. Je bent er wel snel uitgekeken op de bezienswaardigheden maar je kan er makkelijk een paar dagen rondhangen.
Luang Prabang, is een pareltje, maar oooh zo toeristisch. Iets te veel van het goede naar onze mening. Maar het is een “must visit”.


Bevolking:
Wij waren niet heel erg onder de indruk van de mensen in Laos, in ieder geval niet die, die wij tegen kwamen. Ze komen wat nors over en zijn zo gesloten als een oester op het droge. Onder de omringende landen staan ze ook wel bekend als de meest “luie” van Zuidoost Azië en dan kan ik eraan toevoegen dat dat een hele prestatie is, want de rest doet ook alles op het dooie akkertje. Die pepers die ze in het eten duwen, mogen ze ook wel eens ergens anders steken. Van zaken doen hebben ze geen kaas gegeten, dat merk je met afpingelen maar ook in bijvoorbeeld die paar hostels die door Laotianen gerund worden. Vaak zijn de bedrijven en accommodaties in Laos van Chinezen, Indiërs, Vietnamezen of Europeanen en dat verschil merk je goed. Dit is natuurlijk alleen onze mening, er zullen hordes mensen zijn die hier anders over denken.

Eten & drinken:
BeerLao is erg goed te drinken en is ook niet heel prijzig, gemiddeld heb je er een voor €1,25, niet te duur dus. Als je op de hele goedkope tour wilt, is er whisky Laos (laolao), deze is wat zoetig, wordt voorzien van 40% alcohol, “straight” niet echt te pruimen, maar met cola een goed budget alternatief voor maar liefst €1,- per HELE fles.
Deze versie is ook te verkrijgen in wodka. Ook wij hebben er ons op dagen schuldig aan gemaakt, op die dagen dat we echt budget moesten inhalen. Lao koffie is trouwens ook een aanrader, minder zoet dan de Vietnamese versie, naar onze mening beter, maar duur! Het eten is in ieder geval stukken beter dan Cambodja en streetfood is “back”. Okay het is nog geen Thailand, China of Vietnam, maar ze hebben enkele heerlijke gerechten op het menu. Zoals de sticky rice, Lao curry, lap (vlees of vis, soms rauw, met veel kruiden), papaja salade, heel veel sandwiches, gemaakt op straat gevuld met zoveel lekkers dat je meteen vol bent voor die dag en pannenkoeken met ditzelfde effect. Wat dan wel jammer is dat de maaltijden in Laos naar verhouding van de andere landen nog duurder zijn, zelfs dan Cambodja.


Al met al was Laos niet echt een grote toevoeging aan onze reis, al hebben we er toch wel van genoten. Mochten we de beslissing nog eens moeten maken was Laos waarschijnlijk niet aan bod gekomen. Omdat de natuur mooi is, het eten zeker okay is, de 2 steden sfeervol zijn maar aan de andere kant de bevolking niet echt vriendelijk is en de prijzen hier het hoogst zijn van alle bezochte landen (qua eten, vervoer en accommodatie) gaan we voor een 6,5. Leuk, maar naar onze mening hoeft hij niet hoog op de bucketlist.

Over de Mekong naar Thailand

Dit keer geen gevaarlijk rijdend land monster, met bijbehorende nog gevaarlijkere chauffeur, voor ons, maar een rustig boottochtje op de slowboat van Luang Prabang naar Huay Xai, van waaruit je de grens oversteekt naar Thailand via de Friendship bridge. Een aanrader volgens vele als je toch genoeg tijd hebt. En gelukkig hebben we meer dan genoeg tijd, dus kom maar op met die “trage boot”. De tocht duurde 2 dagen waarvan je steeds rond 18:00 aan land gaat om een accommodatie te zoeken voor die nacht. Niet slapen op de boot dus, of ja in ieder geval niet op de uren waarin je normaal slaapt. Het was een heel erg mooie tocht over de Mekong, veel mooie natuur, kleine dorpjes en veeeel waterbuffels passeren je op zo’n snelheid van 30km per uur. Zeker de moeite waard dus.

De eerste etappe ging van Luang Prabang naar de tussenstop Pak Beng. De boot viel ons 100 procent mee. Er paste iets van 70 mensen op en we waren met een stuk of 40, genoeg ruimte dus. De zetels waren hergebruikte autostoelen, best comfortabel dus. Ook had je een fijn tafeltje voor je om aan te eten of spelletjes aan te doen. Er kwam wel een enorm kabaal vanuit de machine kamer, maar op de een of andere manier wen je gewoon aan zo’n geluiden na een tijdje. Ik denk dat de verhouding lag bij 1/3 toerist en 2/3 locals, de locals werden overal en nergens eruit gezet of opgepikt. Je hoefde maar ergens langs de Mekong je hand op te steken en ze pikte je op. Liftend over de Mekong dus.
De eerste stop was Pak Beng, aan wal werden we belaagd door afgevaardigde van de verschillende hostels en guesthouses uit het dorp om bij hun te overnachten. Gelukkig werden we gekidnapt door de juiste en hadden we een leuk guesthouse voor een prikkie. In het dorp was niet veel te beleven, maar we hadden ook niet meer nodig dan een lekkere maaltijd en een biertje.

Helaas was voor etappe 2 onze boot verwisseld met een aanzienlijk gaardere versie. Maar was nog steeds okay. De motor maakte nog wat meer geluid, de wc was nog nooit gepoetst en de tafeltjes waren verdwenen, maar gelukkig bleef het uitzicht nog even mooi. Na 8 uurtjes varen kwamen we aan in Huay Xai, tevens de eindbestemming van de boot. Omdat de grens naar Thailand om 18:00 sloot hebben we hier moeten overnacht.

De dag erna zijn we dus de grens gepasseerd van onze nieuwe bestemming Thailand, meer specifiek Chiang Rai. Helaas zijn we daar maar 1 dag gebleven dus moesten we ff in de versnelling om de highlights te zien. Chiang Rai heeft vele tempels, maar niet alleen de standaard tempels, maar hele bijzondere. We hebben een taxi gepakt en zijn de 4 bijzonderste afgegaan.

What Rong Khun oftewel de witte tempel, hij lijkt wel te zijn gemaakt van porselein. In 1997 is de boeddhistische tempel ontworpen door Chalermchai Kositpipat en ze verwachten dat hij in zijn geheel klaar zal zijn in 2070. Van binnen is hij zeker even bijzonder dan van buiten. Je vind er muurschilderingen van spiderman, Keanu Reeves tot de aanslag op de twin towers.

Baan Dam oftewel het zwarte huis ontworpen door Thawan Duchanee, tegenover de bijna hemelse witte tempel is het zwarte huis vooral gericht op de dood, met zijn vele skeletten en zwarte gebouwen. Maar het is erg indrukwekkend vooral het mooie houtsnijwerk en de prachtige gebouwen. Dit complex is ook nog lang niet af, maar helaas is de ontwerper in 2014 gestorven.

Wat Rong Sue Ten, oftewel de blauwe tempel.

Wat Huai Pla Kung oftewel de Chinese tempel, met een enorm groot boeddha beeld van waaruit je een mooi uitzicht hebt.

Verder was Chiang Rai een leuke tussenstop. Met een te gekke nightbazaar en bijbehorende foodcourt. Hmmmm we zijn weer in Thailand!!!!

Tot snel

Luang Prabang stukje Europa in Azië

Okay het huisvest 33 boeddhistische tempels, we zien wat tuktuks, dus we moeten wel in Azië zitten! Maar verder lijkt deze plek in niks op een standaard Aziatische stad. Het is er schoon. De huizen zijn in heel erg goede staat en lijken zo uit de Provence te zijn gehaald. Alles is tot perfectie aangeplant en de restaurants en hotels zijn van een heel ander kaliber. Meer van kaliber Parijs dan van het “hier zo standaard alles te vies om aan te raken” kaliber. Het is een hele fijne maar oooh zo’n toeristische stad. Je waant je een beetje terug in Europa.
Het is niet erg groot en alles is te voet te doen, zelfs als je iedere tempel wilt bezichtigen red je het in een dag. Maar het is gewoon een fijne plek om even te blijven hangen om de sfeer op te snuiven.
The Royal Palace (voormalig):

Phu Si, met het uitzicht over de hele stad:

Wat Xieng Thong:

De enorm indrukwekkende waterval Kuang Si, zo’n 30 kilometer van de stad:

Tak Bat, het bekendste beeld van Luang prabang is de Tak Bat, waar de toekomstige monniken iedere ochtend rond 05:30 in een rij door LP trekken om de “Alms” (aalmoes in de vorm van voedsel) te ontvangen die door de inwoners traditioneel geschonken worden. Dit hele ritueel wordt ietwat vervuild door de vele over-enthousiaste toeristen die hier ook aan menen mee te moeten doen. Of een van die vele “professionele” telefoon fotografen die zich voor de monniken gooien voor een wederom hoognodige selfie.

dsc03553

Op de nightmarket kon je voor een prikje heerlijk eten:

Dan was er nog onze favoriete bar Utopia, waar je iedere dag yogalessen kon volgen, beachvolleybal kon spelen of gewoon een biertje kon doen met andere reizigers. Die er over het algemeen alleen maar voor zorgen dat je bucketlist met bestemmingen alleen maar voller wordt.

Vanaf hier nemen we de slowboat richting Thailand, 2 dagen varen over de Mekong, definitely beats another night bus.
De sjengskes

Tubing in Vang Vieng

Wat ooit bekend stond als DE plek om totaal bezopen en voorzien van vreemde paddestoelen te tuben, is nu de plek voor buitenactiviteiten en grot bezoeken geworden.
Vang Vieng is een plaatsje omgeven door het mooie karst gebergte in Laos, in dit gebergte schuilen vele grotten en bijna iedere grot is voorzien van een blue lagoon voor de deur waarin je een frisse duik kunt nemen na het geklauter in de grotten. Het plaatsje wordt niet meer alleen bezocht door feestende tieners die onder invloed van van alles en nog wat de rivier de Nam Song af denderen, maar nu ook door toeristen die ervan houden in de natuur te zijn, te wandelen, te fietsen, te kajakken en ga zo maar door.

Sinds 2012 heeft de regering van Laos een einde gemaakt aan de vele bars die langs de Nam Song rivier lagen op de route van de jonge “behoeftende” tubers. Dit naar aanleiding van de 27 doden die waren gevallen het jaar ervoor onder de tubers. En dan hebben we het nog niet over de zwaar en minder zwaar gewonden. Het aantal bars werd gereduceerd van 12 naar 3 stuks, die gek genoeg allemaal binnen de eerste 15 minuten liggen, waarna je dus met je dronken kop nog een 1,5 uur over de rivier moet. Slim? Nee, maar deze maatregelen hebben er wel voor gezorgd dat het feestpubliek niet meer massaal naar Vang Vieng komt en dat de hoeveelheden alcohol ietwat beperkt blijven. Iedere avond nestelde we ons op een strategische plek om de terugkerende hagelvolle tubers te bekijken en eens flink te lachen. Een van de “Friends” bars waren een ideale plek hiervoor.
We konden natuurlijk niet achter blijven en zouden een bezoek aan Vang Vieng zonder tubing een gevalletje “Not Done” vinden. Dus met frisse tegenzin (vooral ik de nogal bang aangelegde happy camper) gingen waar naar een van de vele kantoortjes om onze tube (grote tractorband)te regelen. Door een tuktuk werden we afgezet bij het beginpunt, waar vandaan de eerste bar al te zien was. Deze zijn we toch maar voorbij gevaren omdat het een beetje nutteloos leek om al aan het bier te beginnen voordat we überhaupt natte voeten hadden. 5 minuten later stond een vrolijke Laotiaan ons toe te schreeuwen en gooide ons een touw tegemoet, zodat hij ons naar binnen kon halen voor een drankje. Het was 11 uur dus….. tijd voor een biertje. Om het verhaal niet nog spannender te maken, het is dus ook gebleven bij dat ene biertje. De 3de en laatste bar (5 minuten later) is aan ons voorbij gegaan, er stond niemand om ons binnen te halen dus we zijn er verslagen en uitgedroogd aan voorbij gevaren. In totaal zijn we 3 uurtjes onderweg geweest en was het eigenlijk stiekem erg leuk. Het droge seizoen is nu wel volop aan de gang dus we gingen op de meeste stukken als een schildpad vooruit. Ook stond het water op sommige plekken zo laag dat je wel heel erg op moest letten om niet met geschaafde billen terug te keren.

Verder hebben we mooie wandel- en fietstochten gemaakt tussen het gebergte en de rijstvelden:

We hebben Lusi cave bezocht en hebben doodsangsten uitgestaan bij een beklimming naar een uitkijkpunt (van veiligheid hebben ze hier nog nooit gehoord):

Tham Phu Kham cave was enorm indrukwekkend en groot, maar de bijbehorende blue lagoon lag vol met Chinese toeristen in oranje reddingsvesten, geen sprookjes uitzicht waar we op gehoopt hadden, maar eerder een vijver met lelijke grote goudvissen. Heel toeristisch dus.

En dan last but definitely not least sunset in Vang Vieng: