Recap Colombia

Colombia staat nog niet bij veel mensen op het reislijstje, vooral door hun onveilige verleden. Moordaanslagen en kidnapping was onderdeel van een gemiddelde Colombiaanse dag. Een paar jaar geleden was het land dan ook nog de aanvoerder van de “gevaarlijkste landenlijst”. Na Pablo Escobar zijn drugskartel, namen de extreem linkse groeperingen als FARC en ELN de drugshandel over. Vanaf toen speelde deze hele drugs scene zich niet meer vooral in Medellin af maar vooral in de afgelegen jungle. Wat het voor toeristen al wat toegankelijker maakte. De vorige president A. Uribe heeft de rebellen met harde hand aangepakt en gezorgd voor meer rijkdom en veiligheid onder het volk, hiervoor was hij geliefd, maar aan de andere kant zijn er ook veel onschuldige burgers vermoord onder zeer verdachte omstandigheden, dit was het minder geliefde deel van hem. Voorstanders en tegenstanders in Colombia zijn het er over eens dat het een noodzakelijk kwaad is geweest dat deze man aan de macht kwam, anders zouden ze nooit uit deze onveilige situatie zijn gekomen. Maar goed de rebellen durfde zo goed als niks zolang hij regeerde.
Santos, de huidige president, heeft pas geleden nog een vredesakkoord met de FARC ondertekend en de wapens zijn ingeleverd. De onderhandelingen met de ELN lopen nog en zien er helaas niet veelbelovend uit. In 2016 ontving hij de Nobelprijs voor de vrede maar toch is Santos niet echt geliefd onder het volk aangezien het land weer in een slechtere economische tijden verkeerd.
In Colombia hebben we ons ook weer geen moment onveilig gevoeld, goed in de steden zijn er sommige buurten waar je in de avond beter niet rond kunt lopen en in sommige delen van de dichte, verre, jungle verschuilen zich nog altijd rebellen die wel voor een kidnapje in zijn. Als je dit gewoon vermijdt is het hier niet onveiliger dan de andere landen in Zuid-Amerika.

Helaas hebben we het hele zuiden en oosten over moeten slaan door gebrek aan tijd. Maar die gebieden die we bezocht hebben bieden zoveel moois, heel groen, mooie steden, prachtige stranden, hoge bergen. Alles wat je nodig hebt dus.
Maar wat dit land het allermooiste land, voor ons, van Zuid-Amerika maakt, is de bevolking. Zoveel lieve en hartelijke mensen heb ik nooit bij elkaar gezien. Hopelijk veranderd hun hartelijke gedrag richting toeristen nooit meer. Bienvenieda a Colombia (welkom in Colombia) wordt er uit alle hoeken naar je geroepen, als je je hier niet welkom voelt dan weet ik het ook niet meer!!

Het eten valt weer wat tegen, als ontbijt hebben ze hun versie van een broodje kaas; een gefrituurde deegbal met kaas erin (bunuelos)…. alles is trouwens gefrituurd. Gelukkig is de vis aan de zee goed te doen en kan je zo goed als overal wel iets anders krijgen dan de Colombiaanse keuken. Ga je naar een restaurante tipico, dan liggen er 4 soorten vlees op (en lever), bonen, iets van rijst, gebakken ei, gefrituurde banaan en een lepeltje salade toe. Poeh allemaal zo machtig en vettig. Bijna overal kan je in dit land uit de kraan drinken, echt lekker is het niet,  maar je hoeft in ieder geval niet bang te zijn voor buikloop na een hapje salade gewassen met kraanwater.
De supermarkten zijn er geweldig, net als in Nederland is er alles van over de hele wereld te vinden en ook nog eens niet zo duur. Zelfs de wijn is betaalbaar, maar blijft t.o.v. een biertje erg duur. Maar gelukkig is het bier Club Colombia erg lekker. De koffie is er heerlijk en ze hebben zeker 10 fruitsoorten waar wij nog nooit van gehoord, laat staan aan gesnuffeld hadden, maar ze smaakte allemaal uitstekend. Colombia is misschien wel het goedkoopste land dat we bezocht hebben in Zuid-Amerika, wat natuurlijk helemaal geen vervelende bijkomstigheid is.

Het land heeft ons in veel opzichten verrast, het is vele malen moderner dan andere landen in die regio hun shopping malls zijn er zo groot dat je erin verdwaald, alle grote namen zijn er vertegenwoordigd. Reizen is makkelijk, vluchten enorm goedkoop (voor 30€ ben je van Cartagena naar Medellin gevlogen), accommodaties goed en niet duur, mooie landschappen en nog mooiere mensen.

Colombia is naarmate onze reis vorderde hoger op het lijstje komen te staan, we hebben geen reiziger ontmoet die niet over enthousiast was over Colombia en gelijk hebben ze gehad!! Dit is het land waar we zeker als eerste terug gaan keren in Zuid-Amerika, vooral nu het nog niet zo toeristisch is zou ik het iedereen aanraden!

China stond tot nu toe het hoogst genoteerd (als er al een vergelijking te maken valt), maar Colombia gaan we daar aan toe voegen, met een dikke 9 en er is nog zoveel meer te ontdekken. Verliefd op Colombia en de bevolking!

 

 

Familia Barrientos & Medellin

Laatste stop in het mooie Zuid-Amerika en de op een na laatste stop voordat we huiswaarts keren, Medellin.
De stad was zo’n 20 jaar geleden nog de gevaarlijkste stad van de wereld. Na de dood van de drugsbaron Pablo Escobar in 1993 heeft de stad een enorme transformatie ondergaan, het aantal moorden is met 95% gezakt (in de jaren 80 gemiddeld 4000 per jaar) ook is er veel aan veiligheid gedaan door harder op te treden tegen de linkse rebellenbewegingen FARC, ELN en enkele kleinere groepen. De metro’s trams en bussen sluiten klakkeloos op elkaar aan, dit is de meest moderne, hippe en groene stad waar we in Zuid-Amerika geweest zijn. Een te gekke afsluiter dus!

In het piepkleine vliegtuigje waarmee we in Peru over de Nazca lijnen vlogen kwamen we aan de praat met de familie Barrientos, vader Alejandro, moeder Beatriz en zoon Andres. Na 5 minuten kletsen werden we al uitgenodigd om bij hun te komen logeren in Medellin, het Colombiaanse volk is echt waar het hartelijkste volk ooit gezien! Dit aanbod konden we natuurlijk niet afslaan en we besloten onze eerste 2 dagen bij hun door te brengen in een buitenwijk van de stad, tot ongenoegen van de Barrientos omdat ze het belachelijk vonden dat we niet alle 5 de dagen daar bleven. Vader en moeder spraken geen woord Engels, zoonlief wel, maar deze was het weekend niet thuis. Veel hand en voetwerk en veel gelachen natuurlijk. Raimon zijn Spaans is beter en doordachter dan mijn Spaans. Als ik denk dat het op iets lijkt gooi ik het eruit zonder teveel na te denken (het motto; overal een “o” aanplakken en het klinkt ineens Spaans), maar meestal slaat dit natuurlijk nergens op. Raimon met zijn translater app in de aanslag komt er met wat minder kleerscheuren vanaf. Maar eerlijk is eerlijk we hebben deze dagen eigenlijk best veel Spaans geleerd. We zijn enorm verwend geworden in hun mooie huis, met privé buitendouche en hebben ons overal en nergens mee naartoe genomen:

Pueblito Paisa met een mooi uitzicht, Mercado del Rio, een hippe food market net buiten het centrum:

Met de kabelbaan naar Park Arvi, met de kabelbaan hoog boven de stad, het is een enorm park met veel wandelroutes:

Een voetbalwedstrijd bezoeken in Zuid-Amerika stond hoog op ons “to do” lijstje en waar beter dan in het passievolle Colombia? DIM (Deportiva Independiente Medellin) tegen de Millonarios uit Bogota een eredivisie wedstrijd dus van 2 goede clubs. Eindstand: 1-1, maar wat een energie, geen seconde is of staat het publiek stil, anderhalf uur springen en zingen, echt waanzinnig!

Guatape is een wederwederom kleurrijk plaatsje midden tussen een erg mooi merengebied:

Tussen deze meren ligt de grote, merkwaardige, 385 meter hoge, rots La Piedra, die te beklimmen is via een doodnormale trap met dit als uitzicht:

DSC01811

Na 2 dagen zijn we verhuisd naar een hostel in de wijk El Poblado, 10 metro minuten buiten het centrum van Medellin, een rijke buurt met overal hippe barretjes en restaurants en ook heel belangrijk; erg veilig. Het centrum van Medellin is leuk om doorheen te lopen, maar in de avond is het er uitgestorven, er woont niemand dus een “no go” om daar in de avond rond te paraderen. Natuurlijk was het weer tijd voor een free walking tour, die grappig en interessant was:

Na 2 dagen El Poblado, zijn we weer richting de famllie Barrientos gegaan om voor ze te koken en ouderwets gezellig te kletsen zonder elkaar te begrijpen.

Het dringt nog niet helemaal tot ons door dat we vanavond het vliegtuig pakken naar Madrid en de peso’s weer in moeten wisselen voor de euro. Wat is de tijd gevlogen!

 

Kleurrijk Cartagena

Na Santa Marta is Cartagena de oudste (nog bestaande) stad van heel Zuid-Amerika, het telt 1 miljoen inwoners en is dus vele malen groter dan Santa Marta. Het is tevens de best bewaarde vestigingsstad van het continent. En wat een mooie gebouwen levert dat op, zelfs nog meer kleuren, nog meer muziek en veel hippe restaurantjes. Alles in Cartagena is helaas wel een stukje duurder dan in de rest van het land. Dus hebben we maar veel van de straat wagentjes gegeten, al zijn dat over het algemeen vette aardappelballen met een klein beetje vlees of ei. De stad is super toeristisch, gelukkig vooral met Colombiaanse reizigers die even strand willen, dan voelt het toch wat minder overspoeld, al dragen ze net zo goed zo’n enorme camera om de nek en hangen ze nog opvallender de toerist uit:

Een boottochtje op de Caribische zee, langs de eilanden groep Rosario (16 eilanden). Op een van de eilanden is een mooi aquarium, die vissen houden in afgezetten stukken van de zee ipv in glazen kooien:

Last but zeker not least; Playa Blanca, volgens de tour verkopers “Mooiste strand van Colombia”. Haha je kon bijna de zee niet in zo vol met dagjesmensen, eenmaal in de zee geraakt moest je constant wegduiken voor een langs vliegende banaan of jetski. Volgens de kapitein van de boot hadden we een van de minder drukke dagen te pakken…. Gelukkig konden we onze teleurstelling verdrinken met gratis rum, wodka en aquardiente (het nationale naar anijs smakende drankje), zo komt alles weer goed:

 

Koffie en cacao in Minca

Colombia staat bekend om zijn koffie, het is dan ook de 3st grootste koffieproducent van de wereld. Aangezien we wel van een goed bakkie houden moeten we dus even poolshoogte gaan nemen. De meeste koffieplantages zijn in het midden van het land te vinden voor deze trip ligt dit wat te ver bij ons vandaan, dus gaan we op weg naar Minca in de Sierra Nevada (het hoogste kustgebergte ter wereld). Minca is een leuk klein plaatsje 20km van Santa Marta hoog in de bergen(of ja hoog, zo’n 600 meter) , dus maar een kort busritje voor ons:

 

In Colombia produceren ze uitsluitend de Arabica koffieboon, hier hebben ze verschillende soorten in. Helaas gaan de meeste A-kwaliteit bonen rechtstreeks naar het buitenland en blijft een klein gedeelte bij of de koffiemaker zelf, of ze gaan naar een van de vele mooie en hippe koffiehuizen in de steden.
Finca La Victoria is de oudste koffieplantage van de regio, sinds 1892, het proces dat ze tegenwoordig nog gebruiken stamt ook uit 1892. Erg leuk om te zien dus. Helaas was het geen seizoen, dus we konden de machines niet in actie zien:

 

We slapen op de koffie & cacao plantage finca San Rafael. Het uitzicht vanuit ons hangmatje is geweldig, overal waar je kijkt mooie vogels. Wat een relaxte paar dagen, zelfs met die hoeveelheden cafeïne in ons bloed:

 

 

Santa Marta & Tayrona national park

Colombia! Klinkt het antwoord, van vele reizigers op de vraag; “wat is je favoriete land in Zuid-Amerika”. Helaas hebben we nog maar 2,5 week te gaan, dus moeten we keuzes maken. Aangezien het onze laatste stretch is, gaan we voor de kust, niet meer de Pacific maar de Caribische kust in het noorden van het enorme Colombia, whoop whoop.

Vanuit Ecuador, Tulcan, gaan we de grens over naar Colombia, Ipiales. De grensovergang duurt een eeuwigheid door onderbezetting ivm, de belangrijkste maaltijd van de dag; lunch, de Colombiaanse grens gaat zelfs voor 2 uur dicht tijdens deze lunch met misschien nog een siestaatje erachteraan. 4 uur later zijn we dan eindelijk op Colombiaans grondgebied. Hier pakken we de bus, langs mooie groene valleien naar Pasto (500.000 inwoners, maar niet erg aantrekkelijk). De dag erna vertrekt onze vlieger vanuit hier naar Santa Marta (normaal zo’n 36 uur met de bus). In de ochtend kunnen we nog snel (nou ja niks gaat echt snel hier, manana, manana) naar laguna de la Cocha:

Santa Marta is een mooi oud stadje vol kleuren, muziek, leuke eetzaakjes en naar vers bloed hunkerende muggen, je waant je meteen aan de Caribische kust. De stranden stellen er niet veel voor (kan je beter voor naar Taranga) maar het stadje zelf is erg gezellig en druk. Maar oh zo heet, makkelijk 35 graden met een oververhitte föhn als afkoelend briesje:

Het trekt vooral veel bezoekers door het naastgelegen Tayrona park, een natuurpark met jungle die eindigde aan de kust en veel mooie stranden. Tijd om een kijkje te nemen dus! We nemen een hostelletje vlakbij een van de ingangen in de jungle en blijven er 2 nachten in een houten hutje. De mango’s en avocado’s liggen er voor het oprapen, ik ben in de hemel!! Alleen even opletten dat zo’n sappige rakker niet op je bolletje valt. Het hostel wordt gerund door 3 jonge mensen uit Bogota, de puppy Mila en 2 karakter katten, veel gezelligheid en heeeerlijk gegeten:

Een mooie hike van een uurtje of 6 door het park, langs een inheems dorpje, Pueblito, richting een paar van de vele strandjes in het park. We zien nog een enorme slang op het pad en meerdere titi aapjes:

Voordat we de collectievo weer terug naar Santa Marta pakken nemen we nog een kijkje op coco beach, maar de zee is zo wild, dat alleen al een teen in het water levensgevaarlijk is (beetje overdreven dan):

Recap Ecuador

Ecuador, dat was een grote verassing. We hebben lang niet alles gezien van dit, voor Zuid-Amerikaanse begrippen, kleine landje. We begonnen in Guayaquil aan de kust, dit is de grootse stad van Ecuador en wordt door toeristen vooral gebruikt om van of naar de Galapagos te vliegen. Buiten het leguanen park is er ook niet veel te beleven, aankomen en meteen weer vertrekken is dan ook de tip. Over de Galapagos hebben jullie onze mening al uitgebreid kunnen lezen, het uber, opper hoogtepunt van onze reis. De flora de fauna, het heerlijke eiland gevoel met bijbehorende relaxte inwoners, Toppie!! Dan de dichte Amazone jungle. Quito als mooie stad midden in de Andes omringd door vele vulkanen. Wat het meeste opvalt, het is hier zoooo groen, zelfs op zo’n 4000 meter is het nog groen, helemaal anders dan bijvoorbeeld Bolivia en Peru. Alles groeit hier, ik neem aan dat dat door de ligging vlakbij de evenaar komt.

Je ziet het meteen als je Ecuador inrijdt, alles is hier vele malen beter geregeld dan in de andere, door ons bezochte, Zuid-Amerikaans landen. De wegen zijn goed en bijvoorbeeld geen bedelaars te bekennen. De prijzen liggen helaas ook wel wat hoger dan in de andere landen. Na de invoer van de dollar in 2000 zijn de prijzen flink gestegen voor Ecuadorianen. In 1999 is door toedoen van de toenmalige president Mahuad (had goede banden met Amerika), die al het geld het land uit sluisde, het land failliet verklaard en zo goed als al haar inwoners (er gaan natuurlijk weer 100 versies de ronde, maar dit is het verhaal van de Ecuadorianen zelf). Al hun spaargeld was verdwenen. Hierna volgde de overname van de dollar, wat volgens het volk geen toeval geweest kon zijn. Aangezien de prijzen nu hoger liggen, maar de lonen nog altijd laag betaald de overheid de meeste onkosten van het volk, zoals de scholing, gezondheidszorg, elektriciteit, water, telefonie en internet zijn voor niks. Het systeem in dit land is super sociaal, maar omdat er ook geld binnen moet komen, zijn ze nog een beetje aan het zoeken tussen de balans van socialisme en kapitalisme. Het grootste export product, nog voor de bananen en de rozen, is olie. Helaas moet deze geboord worden in de Amazone, wat ten kosten gaat van vele planten en beetjes. Dit zijn belangrijke en heftige afwegingen die het land moet maken.

De bevolking van Ecuador is niet veel anders dan de rest van Zuid-Amerika, aardig en niet heel toegankelijk. Wat dan waarschijnlijk weer ligt aan ons gebrek aan Spaans. Mocht je een van de weinig Engels sprekende Zuid-Amerikanen tegenkomen, dan zijn ze altijd wel in voor een gesprekje. Dus het gebrek aan toegankelijkheid ligt meer aan onze kant. Muziek zit hier in het bloed van jong en oud, er hoeft maar een deuntje te horen te zijn en de heupen van jong, oud, man, vrouw beginnen te bewegen. Erg leuk.

Het vervoer in Ecuador is niet heel bijzonder, geen luxe bussen zoals in Peru, maar lokale bussen en een iets luxere versie van deze lokale bus. De stoelen in de nachtbus, kunnen zo’n 10 cm naar achteren, waarna je ook meteen tegen de knieën van je achterbuurman zit. Waarschijnlijk is dit niet zo goed geregeld omdat het land vele malen kleiner is en de langste trip ongeveer 8 uur is. De bussen stoppen om de 2 minuten om mensen in of uit te laten waarmee ook meteen altijd een paar verkopers instappen om je wat aan te smeren door een heel verhaal op te hangen, van eten tot tandenborstels, erg vermakelijk.

WP_20170626_002

Het eten in Ecuador is helaas niet veel beter dan in de andere Zuid-Amerikaanse landen, ze hebben eigenlijk van alle landen iets op de kaart staan. Gelukkig weer ceviche!! En verder weer veel koolhydraten. Vooral die dikke soepen die ze garneren met een hele schotel popcorn (gelukkig niet zoet), een beetje vreemd, maar wel …. okay. Terwijl er zoveel groente voorhanden is in dit land, eten ze het om de een of andere reden toch liever niet. Fruit wordt wel rijkelijk gegeten en de fruitsapjes krijg je op iedere straathoek, dan maar zo wat vitamientjes binnen krijgen. Op de Galapagos en aan de kust was meestal de goedkoopste dagmenu optie de rode tonijn, lucky us. Ook wordt er veel brood gegeten, bakkers om de paar meter, met zoete en hartige hapjes. Het bier en de rum smaken goed en de wijn is net zoals in Bolivia en Peru niet te betalen.

De Galapagos, verdient een 10, de rest van Ecuador een 8 denk ik zo. Erg mooi en alles in een compact landje.
De dollar is makkelijk, maar maakt het er helaas niet goedkoper op.
We moeten sowieso terug naar de Galapagos, de eerste plek die na bezoek zelfs terug en nog hoger op de bucketlist staat.

Otavalo market

Noordelijk van Quito ligt Otavalo, hoog tussen de bergen, bekend om zijn authentieke markt met duurzame spulletjes. Het trekt veel toeristen maar ook veel locals. Mazzel dat we hebben is er ook een fiësta in Otavalo en omliggende plaatsjes, Inty Raymi, hier aanbidden ze de zonnegod. Op vrijdagavond zagen we een soort van ritueel op de markt en op zaterdag werden we gewekt door een groepje verklede, bier drinkende en muziekmakende(steeds hetzelfde deuntje op repeat) locals. CARNAVAL, waar is mijn pakje…. was mijn eerste gedachte. Nou gelukkig dat ik geen outfit gevonden had, want na dit groepje van 5 zijn we deze dag niemand meer tegengekomen in een apenpakje.

Natuurlijk een bezoekje aan deze mooiste markt van Ecuador, na 10 minuten zijn we normaal wel klaar met een markt, maar deze heeft toch zeker de dubbele tijd van onze aandacht verdiend:

Dus tijd voor een wandeling, door mooie bossen en langs watervallen, veel klauteren, we voelde ons weer 8 jaar oud;

Richting condor park, waar alle soorten roofvogels opgevangen worden die hulp nodig hebben;

In de avond is er helaas nog geen fiësta in town, dus eten we maar wat op de markt en druipen we af;

De dag erna met de bus naar het natuurpark (hier iets meer fiësta) met dit mooie meer Laguna Cuicocha:

DSC01357

Last stop in Ecuador alweer. Vanaf hier nemen we een bus richting Colombia.

 

Quito, het middelpunt van de aarde

Quito, de hoofdstad van Ecuador en 2st grootste stad van het land met 2 miljoen inwoners en is 70 km lang en 4km breed. Deze stad ligt tussen het Andesgebergte, op 2850 meter hoogte, tussen 14 deels actieve vulkanen. de stad is daarom ook al vaker herbouwd moeten worden. In 1534 toen de Spanjaarden arriveerde werd de stad tot de grond gelijk gebrand en opnieuw opgebouwd, hier is dus niks meer van het Inca rijk terug te vinden. Maar dat houdt niet in dat er niks te zien valt, je kan er je ogen uitkijken in het historische koloniale centrum. Een van de vele kerken, iglesia de la compania de jesus, is van binnen zelfs geheel bedekt met bladgoud, er is geen centimeter onbedekt. Mede door deze indrukwekkende kerk kwam Quito als eerste stad (samen met Krakau) op de werelderfgoedlijst. De stad is sfeervol, maar in de avond raden ze je af op straat te lopen en voor iedere scheet in taxi te pakken, gelukkig zijn de taxi’s spotgoedkoop. Dit is de eerste stad waar ons dit wordt aangeraden en vind ik wel een groot minpunt. Vooropgesteld moet ik wel zeggen dat we ons geen minuut onveilig hebben gevoeld in deze stad. Alle taxi’s in de stad zijn voorzien van “panic buttons”, mocht je je onveilig voelen en duw je hier op dan springen camera’s aan zodat de politie de taxi kan volgen maar ook kan meekijken in de wagen. De veiligste taxi’s van Zuid-Amerika dus.
Door de hoge ligging van de stad en slechts 20km van de evenaar wordt het ook wel het middelpunt van de aarde genoemd (dichtst bij de zon), Ecuador betekend evenaar op zijn Spaans en Quito komt uit de pre Inca tijd en betekend ook zoiets als middelpunt.

De eerste dag slenteren we door het oude centrum en doen, hoe kan het ook anders, een free walking tour, ditmaal een toppertje en we eindigen bij de lokale bierbrouwerij:

We maken een dagtocht naar de Quilotoa vulkaan met een mooi kratermeer van 250 meter diep:

Naar El Panecillo, een enorm beeld van de maagd van Quito, hoog boven de stad:

La Mitad del Mundo (het middelpunt van de aarde), ligt zo’n 20 km noordelijk van Quito. Enorm toeristisch, maar toch leuk om even te zijn geweest. Je kan er wat testjes doen en je weegt er een halve kilo minder, mooi meegenomen. We hebben zelfs een stempel in ons paspoort gekregen, maar dat is tegenwoordig overal te krijgen:

 

Aapjes spotten in de jungle

Vanaf de Galapagos vliegen we naar Quito waar we diezelfde avond in de nachtbus, richting Lago Agrio, stappen. Vanuit Lago Agrio vertrekken we richting een van de meest dichtbegroeide jungles van de wereld. Het gebied heet Cuyabeno en is een deel van de Amazone. We zijn maar met zijn tweeën deze dag en vertrekken meteen op een tour in een longboat om beestjes te spotten op de rivier. We kijken meteen onze ogen uit, wat is de jungle mooi, zo groen! We spotten vooral veel soorten aapjes (kapucijn, doodshoofd, titi, brul en nog enkele soorten aapjes) en mooi gekleurde vogels zoals ara’s en toekans).

Dik 3 uur, veel indrukken en een harde kont verder komen we bij onze lodge aan voor de komende 4 dagen. Een beetje luxe in de jungle, mooie privé kamers (met af en toe een extra huisgenootje in de vorm van een kikkertje) en een fijn restaurant met bar. Geen wifi, 4 uurtjes stroom per dag en geen warm water, maar toch voelde het als enorme luxe in deze overweldigende jungle. Rond de lodge vinden we meteen een enorme boa van zo’n 2,5 meter lang en een tarantula.

De tweede dag gaan we weer als duo groep op pad met onze gids Pedro. In de ochtend vogels spotten vanuit de boot, weer veel kleuren en weer veel namen die ik niet kan onthouden. Oh wacht stinky turkey en de kingfisher, toch nog 2 van de 50, geen slechte score toch, die rum werpt toch zijn vruchten af.

Vervolgens een wandeling, we leren veel over alle plantjes, mochten deze thuis ook groeien (en ik de namen onthou) dan zou ik al jullie kwaaltjes kunnen genezen.
Ook zien we veel miersoorten, zo’n interessante wezentjes, maar kunnen hier ook erg gevaarlijk zijn en zo’n halve pink groot worden. Spinnen wederom in overvloed in alle maten en kleuren.

Verder kanoën we voor 3 uurtjes over het meer en de rivier. Aan de lijst kunnen we toevoegen roze dolfijnen, luiaards (wel erg hoog in de boom), veel meer aapjes en vogels.

In de avond komt er een groep van 5 aan bij de lodge wat zich bij onze “groep” aansluit. Een Nederlands super leuk gezin, pap Leo, mam Hilde en dochter Sam en de Amerikaanse Ken en Chinese Jelly (of misschien was haar westerse naam wel Jerry (wat niet slim is als je de “r” niet uit kan spreken)), deze laatste combinatie had zich 3 weken geleden via internet ontmoet en waren nu samen op reis. We doen nog een nachtwandeling en zien hoe een bananenspin een tarantula verorberd, een miereneter, nachtaapje, nog meer spinnen, wandelende takken en wat boomkikkertjes.

We vertrekken in de ochtend voor een cultureel uitstapje (waar niemand echt zin in heeft, want dieren spotten was ons doel), een of ander authentiek dorp waar we ons eigen yuca (cassave) brood bakte, wat ook nog eens niet echt te eten was.

Maar rond 4 uur gaan we richting het meer voor wat kaaimannen en anaconda spotting en voor de sunset. Ineens loopt de spanning hoog op achter in de boot en blijkt Jelly de diamanten ring (2000$), gekregen van Ken, expres in de Amazone gedropt te hebben. Enkele momentjes later ligt Jelly net als de ring ook tussen de kaaimannen, onze dappere Hilde vist haar uit het water en we gaan gewoon verder met spotten alsof er niks aan de hand is, met de als dood spelende Jelly voorin de boot en de vloekende rum drinkende Ken achterin. Dit stel zal na 3 mooie weken een punt zetten achter hun relatie. Helaas heeft zelfs het in het water gooien van Jelly er niet aan bijgedragen dat we kaaimannen laat staan anaconda’s gespot hebben.
Na “paranoia” Ken beloofd te hebben om af en toe bij hem te komen kijken, om te checken hij nog leeft en niet door “crazy” Jelly van het leven beroofd is, zijn we allemaal lekker gaan slapen.

Het regenwoud zou het regenwoud niet zijn als er geen regen zou vallen natuurlijk, dus mochten we op de laatste dag toch nog genieten van een enorme plensbui (helaas geen foto’s van). Dit tijdens onze 3 uur durende tocht op de boot terug richting Lago Agrio.

DSC01134

Galapagos, San Cristobal

Uitgerust en zonder koppijn komen we aan op San Cristobal, op dit eiland is weer een stuk meer te doen, vele barretjes, restaurantjes en hostels. Waar je op de andere eilanden struikelde over de zeeleguanen, ligt op dit eiland echt letterlijk ieder strand vol met zeeleeuwen. In het water is het super leuk om met ze te zwemmen, zijn ze nieuwsgierig en willen ze spelen. Maar aan land zijn ze een stuk chagrijniger, ze waggelen soms in een sneltreinvaart achter je aan met ontblote tanden en vals gegrom. Je kan uren naast zo’n schatje liggen op het strand maar de liefde kan ook in een keer over zijn, opletten dus voor de schattige zeeleeuwtjes. In de avond komen ze allemaal aan land en vooral rond de haven is het een kabaal van jewelste. Hun geluiden lijken op grommen en keihard boeren. Een slaapplek daar in de buurt is niet aan te raden.

Natuurlijk weer veel wandelen en nog meer snorkelen:

We hebben hier de 360 graden toer gedaan. De toer gaat rond het hele eiland en je snorkelt 3 keer. Verder dolfijnen gespot, red footed boobies, ja, die bestaan ook en nog veel meer:

kicker rock (bekendste duik/ snorkelplek van het eiland):

Zelfs in een deel van 20 bij 10 meter met een stuk of 10 white tip sharks van een metertje of 2 gezwommen. Zoooo cool:

Sunsets op playa Mann tussen de zeeleeuwen:

En na 9 dagen zit ons Galapagos avontuur erop. Het stond hoog op het lijstje en staat nu nog hoger wederom op de nog langere lijst. Tot wederzien!!!