Hitte in Chobe

Wel 150.000 olifanten zijn er in het nationale park van Chobe en niet van die kleintjes, maar de grootste van Afrika en nog veel meer andere beestjes. Het is een enorm park, dat nergens afgezet is, dus de beesten kunnen alle kanten op, eigenlijk heel Botswana of Zimbabwe in en steken dus ook regelmatig gewoon de autoweg over of zijn ze te vinden in plaatsen rond het park.

De afgelopen dagen is er een hittegolf in Botswana en zijn de temperaturen dik in de 40 onaangename windloze graadjes.

Gelukkig hadden we gekozen om 3 nachten een hostelletje in Kasane te nemen, met airco en al, poeh dat was zeker geen overbodige luxe, want in de nacht kwam de verkoeling ook niet onder de 35.

Dus voor de nachtrust geen probleem, maar de beestjes konden deze helse hitte ook niet aan. Om 7 uur reden we Chobe in en met wat geluk zagen we 10 van dat enorme aantal aan olifanten. Buiten bokjes en veel vogels 0 op het rekest. Veel te warm voor iedereen!!!

Tegen de avond zijn we toch maar in een bootje gestapt om Chobe vanaf de rivier te bekijken. Daar was veel te beleven, buiten olifanten, buffelomania en veel hippo’s:

En heel veel groene oeroude monsters met grote tanden, die “shocking” (not for the kids) beelden opleverde:

Op de boot met, nogmaals sunset…..

De Vic falls

De Victoriawatervallen, oftewel Vic falls liggen niet ver van onze eerste stop in Botswana, net over de grens in Zambia en Zimbabwe.

Wil je hem van alle kanten zien dan zou je beiden landen moeten bezoeken, wat ook 2 x visa kosten betekend. Oktober is het einde van het droge seizoen, dus de hoeveelheid water dat naar onder stort is nu stukken minder dan vlak na het regenseizoen. In Zambia zou in dit seizoen niet veel te zien zijn, dus kozen we voor Zimbabwe waar ook de hoofd waterval ligt.

De Vic falls zijn de breedste watervallen van Afrika. En samen met Niagara en Iguazu de indrukwekkendste van de wereld. Ze vormen een gordijntje van 1708 meter breed en hebben een maximale hoogte van 128 meter. Per minuut valt er 500 miljoen liter water over de rotswand.

Iets minder water dus dit seizoen maar hij blijft oh zo indrukwekkend en de moeite waard!!!

Door al dat geweld en gekletter wordt je heerlijk beneveld, wat uitermate goed uitkwam met de 43 graden van hier.

Voor lunch: krokodillen kebab

Boerende nijlpaarden

Rechts boven in Namibië tussen Angola, Zambia en Botswana in, hangt een lang en smal aanhangsel genaamd de Caprivi strip. Het is er veel groener en de Okavango rivier stroomt er van voor tot achteren door. Weer hele andere beestjes dus…. tijd voor een bezoekje.

We slapen op 2 verschillende te gekke campings direct aan het water, dus ook direct uitzicht op de dikbillige hippo’s met kids. En ook enorm veel kabaal in de nacht van deze lieverdjes, een boerende chinees is er niks bij. Zo leuk de wildernis!

Aan de overzijde ligt het Bwabwata national park. Vanaf het water hebben we deze uitzichten:

Met een uitdagende tocht met de 4×4 door het park, polonaises olifanten en buffels over de weg en deze:

Met mini baobab boompjes, zien er helaas niet zo spectaculair uit als die reuzen van die “mouth-watering” foto’s in Madagaskar:

Zoals jullie zien zijn de buffels in hondertallen toch te vinden in een deel van Namibië, check!!!

Next stop: Botswana!

De “waterholes” in Etosha

Etosha, eindelijk is het dan zo ver, we rijden het walhalla binnen, het park waar je je niet blind hoeft te staren tussen de bosjes om een neushoorn te spotten, maar het park waar het wild gewoon naar jou toekomt. Zoek een van de vele waterplassen uit en er staat, ligt of zit iets in.

De eerste avond in het park sliepen we in Okaukuejo rest camp. Deze waterhole sloeg echt alles, we hebben er van 18:30 tot half 22:30 aangezeten met een flesje wijn erbij en de olifanten, giraffen, neushoorns en nog veel meer wisselde elkaar af voor je ogen:

Gelukkig komen de meeste beesten naar je toe, want de wegen zijn barslecht in Etosha, je hele keukeninventaris schuddeld door de camper heen en de potten pasta saus zijn niet meer veilig. Er is dus geen beest in het hele park dat je niet hoort aankomen en je de kont toekeert om snel tussen de struiken te kruipen.

Buiten de luipaard en de buffel (die komt hier trouwens ook helemaal niet voor) hebben we dus 3 van de big 5’s gezien. Maar gemakshalve vervang ik de buffel voor de giraffe, ook groot genoeg vind ik zo, en hebben we dus een 4 uit 5, geen slecht aantal zou ik zo zeggen.

We hebben nog een paar parken te gaan, dus hopelijk wordt hij nog compleet, anders gooi ik er gewoon weer een vervanging in…..

Have a Jabbadabbadoo time……

De hoogste berg in Namibië is 1728 meter en loopt een beetje spits op, vandaar de naam de Spitzkoppe, al doet hij mij wat stomp aan:

Het park is onwerkelijk, je rijdt tussen enorme rode rotsen door, dit geeft ons het gevoel nog neanderthalers uit het stenen tijdperk te zijn. Jabbadabbadooooo!

Als kers op de taart mochten we ook nog in dit park ons tent opzetten, de campingplaatsen waren door het gele park verdeeld, dus geen buren, maar doodse stilte, veel vogeltjes en wat knaagdieren om ons heen. Geen stroom of water maar back to basic. Fred & Wilma Flinstone for a day! Geen grote stukken vlees maar boerewors van de braai.

De zons- op en ondergang waren waanzinnig!

Zelfs in Namibië wordt wijn gemaakt, dat had Raimon alweer snel in de smiezen. We kunnen het land dus niet verlaten alvorens een wijnboer te bezoeken, de kristal kellerei werd de uitverkorenen. Wijn maken staat er echt nog in de kinderschoenen, kijk maar naar deze professionele opzet:

De wijn was trouwens wel best goed, maar de Zuid-Afrikanen smaken net wat beter en zijn 1/3 van de prijs. Dus de keus is dan ook weer snel gemaakt, sorry Namibië…..

We rijden door naar een camping vlakbij Etosha, daar zien we zelfs al 2 neushoorns, sorry geen foto’s als bewijs…. Hopelijk wordt dat morgen beter.

De WiFi is slecht of is er niet, vandaar dat deze blog 3 dagen vertragingen heeft en de rest dus ook…

Zee & Brauhausen in Swakopmund

Ja hoor, de “bumpy road goes on”, met 90 km per uur sjeest raimon over de gravel, zodat de bulten wat minder voelbaar zijn. Wat het allemaal dubbel en dik waard maakt zijn de uitzichten. Ik wist niet dat droogte ook zoveel gezichten had, het landschap gaat van rood naar geel en van canyon naar bergen. We zien stokstaartjes, veel gemsbokken en struisvogels:

Na 4 uur is helaas het buikvet nog niet weggetrild (zo’n trilband weggegooid geld dus), maar zijn we op onze volgende bestemming, Swakopmund. Het weer is hier koud….. 20 graden met een windje die 10 graden minder aanvoelt, van zweet tussen de benen, tot kou in de tenen:

Swakopmund is een plaatsje aan de kust, met heel veel Duitse invloeden, het is dan ook een Duitse nederzetting uit 1892. De architectuur is Duits, de bakkerijen en vooral ook de Brauhausen zijn van de partij, met onderstaande oproep uit Namibië, waar we graag aan meewerken:

Verder zijn er heel veel activiteiten te doen, we wilde eigenlijk gaan dolfijn en walvis spotten, maar het was wat te koud voor ons warmbloedjes, en wat te heftig op zee voor mijn dappere kapitein. Dus hebben we relax gedaan, gewandeld langs de kust, aquarium bezocht en veel gegeten en gedronken, what do you need more….

Nu nog even inslaan voor de komende 7 dagen, supermarkten en pinautomaten gaan schaars worden. Hopelijk wel wat WiFi tussendoor.

Namibië & Botswana

Na een roadtripje in 2013 door Zuid-Afrika waren we meteen verkocht. Dat land had alles te bieden. Mooi en heel afwisselende landschappen, heerlijk eten en drinken en natuurlijk de enorme hoeveelheid aan wilde dieren die daar rond lopen. Dan heb ik het niet over zo’n aapjes uit Thailand of een lama uit Zuid-Amerika, maar dan heb ik het over serieus mother fuckers als de elegante giraffe, de stoere leeuw of de gezette hippo’s, om maar enkele te benoemen. Dit alles samen maakte Zuid-Afrika bijna perfect. Wat het wat minder maakte, was om te zien dat het verschil dus blank en zwart, nog overduidelijk aanwezig was.

Tijdens onze wereldreis was er helaas geen tijd en geld meer over om Afrika aan te doen, de tickets toen vanuit Zuid-Amerika stonden gelijk aan een enkeltje naar de maan. Al snel hadden we besloten dat Afrika de volgende bestemming zou worden. Op naar het rijk van de big five, op naar Namibië en Botswana!!!!!

Cruisen door de desolate landschappen van Namibië en langs de Chobe rivier in Botswana. Eigenlijk is er geen andere en meer avontuurlijke manier om dit te ervaren dan in een 4X4, voorzien van daktent, met de radio op 10. En zo zij het. Het nieuwe avontuur gaat beginnen en hopelijk kunnen we jullie weer bloggend op de hoogte houden. Ready…. Set…..Go

Even het vliegtuig in en hop je staat weer aan de andere kant van de wereld, ik blijf me iedere keer verbazen. Bij aankomst werden we opgehaald door het autoverhuur bedrijf, na een uitleg van 2 uur over do’s en vooral don’ts, konden we op weg. We besloten meteen door te rijden naar onze eerste camping vlakbij onze eerste doel de sossusvlei. 4 uur lang duurde deze bumpy ride waarbij een sport bh niet had misstaan, maar dit waren we al weer snel vergeten na ons eerste “windhoek” biertje en de eerste braai van deze reis.

Kapot, van de nacht in het vliegtuig, kruipen we in ons daktentje en vallen meteen in slaap, maar na 15 minuten begint het me toch een partij te waaien, de rest van de nacht heb ik doorgebracht de tentpalen krampachtig vast te houden om ons te redden van een ongewilde ballonvaart, terwijl Raimon gewoon verder ronkte, nietswetend van mijn heldhaftigheid die nacht. Toen ik ’s ochtends om 6 uur geradbraakt de tent uitstapte, met de gedachte dat alles buiten wel een grote puinzooi zou zijn door deze helse storm, bleek er nog niet eens een takje van de broze boom te zijn afgebroken….. Alles schijnt toch wat heftiger te lijken in een tent…. zo het schijnt.

Vroeg op dus, want sossusvlei schijnt het mooiste te zijn met ochtendlicht. Helaas geen ochtendlicht deze ochtend, maar speciaal voor ons een mooie grijze dekenpartij. Gelukkig breekt de zon een paar uurtjes later door voor wat leuke foto’s, en hete wandelingen door de dodevlei en de sossusvlei.

Voldaan nagenieten op het terras van de camping


Morgen vertrekken we richting de kust. X

Recap Nepal

Voor niemand is het een verassing als ik zeg dat Nepal vooral bekend staat om zijn hoge bergjes. Maar wat als je nou niet van wandelen en berg beklimmen houdt. Ben je liever lui dan moe, dan zou ik zeker een andere vakantiebestemming als Nepal kiezen. Buiten de Himalaya en de vele buitenactiviteiten, zijn er naast het Chitwan national park, waar je met een beetje geluk tijgers kan spotten, niet veel andere highlights. De hoofdstad Kathmandu is wel een bezoekje waard, het heeft best sfeer, is enorm stoffig en na de aardbeving in 2015 ligt hier helaas nog veel in puin. Ook de wegen die door het land lopen vertonen nog vele scheurtjes. Maar de Nepalezen zijn super blij met iedere “ramp” toerist. Toerisme en water blijven hun grootste inkomstenbronnen, dus ze zien je graag komen en dat voel je ook.

De bevolking is echt heel vrriendelijk (op die ene doorgedraaide Nepalees na), iedereen wenst je een goede dag in de vorm van Namaste (wat: ik buig voor jou betekend) en ze lijken het ook nog te menen. Wat ook een hele verademing is, je wordt niet lastig gevallen op iedere straathoek door een verkopertje die je wat probeerd aan te smeren, alles gaat er erg relax aan toe voor ons. In het hoogseizoen is het misschien een heel ander verhaal, maar ja in het hoogseizoen is alles een ander verhaal….

IMG-20180207-WA0055

Dat brengt me dan bij de seizoenen, het hoogseizoen loopt van maar7t tot en met mei en oktober en november.
In de maanden juni, juli, augustus is de mouson, het is dan te gevaarlijk en te nat om de bergen in te gaan, een ‘no go’ dus. In december, januari en februari is het, net als bij ons, winter, dat wil dus zeggen, koud, heel koud in de bergen!! Het seizoen waar wij als “ijskoninginnen” voor kozen. Ook staat er in dit seizoen niet veel in bloei, beetje dorre boel dus, vooral de rijstvelden. Wat wel een grote plus is, is dat het allesbehalve druk is, je komt uren niemand tegen. Naar horen zeggen is het in het hoogseizoen het andere uiterste en loop je als slome treintjes achter elkaar aan, tuuttuut. Ik kan me goed voorstellen dat er dan veel vooraf gereserveerd moet worden, richting basecamp zijn er bar weinig theehuisjes om in te overnachten…

In Nepal leeft het geloof heel erg, het hindoeïsme heeft de groostse aanhang met 81% waarna het boeddhisme met 9% volgt (Nepal is het geboorteland van Boeddha). Die 2 godsdiensten gaan goed samen en
ze hebben door de jaren heen met en met tradities en bijvoorbeeld feestdagen van elkaar overgenomen. Veel feestjes dus. Wat alom bekend is en overal een vrolijke noot geeft zijn de mooi gekleurde vlaggetjes die echt overal hangen. Ze hangen er niet bepaald voor decoratie, eigenlijk zijn het Tibetaanse gebedsvlaggetjes, uit het boeddhisme, die waarschijnlijk overgenomen zijn door de Nepalezen. Hier worden gebeden en mantra’s op geschreven. De 5 verschillende kleuren vlaggetjes geven de 5 elementen weer. Ook wij zijn allemaal huiswaarts gekeerd met het nummer 1 souvenier, vlaggetjes.

De Annapurna trekking, was super gaaf en zeker een aanrader, hij was goed te doen en niet al te zwaar. Onderweg valt veel moois te zijn, heel veel schattige hondjes (ohhh ik had ze wel allemaal mee kunnen nemen), de “heilige koe”, de minder heilige waterbuffel, speelse aapjes en langsdenderende ezels. Wat de hele 10 dagen zo zwaar maakt zijn de lange avonden zonder verwarming en daarna 10 dubbel gelaagd als een ietwat ruikende ui je slaapzakje in. Net warm, dan wilde de met thee gevulde blaas je weer niet met rust laten. De thee die zo hard nodig was je warm te houden. De wc’s waren weer alla hurken en bij de schaarse westerse toilet werd de squat beweging “highly recommended” om zo de billen uitslag-vrij te houden. Een warme douche is zo goed als niet te krijgen, en mocht er een zijn dan is het rennen voor dat beetje warm water. Als bepakkingstip staan vochtige doekjes ver bovenaan, voor pesoonlijke en materiele hygiene.

Het eten is in Nepal niet echt om over naar huis te schrijven. Gelukkig is er in de wat grotere plaatsen veel variatie qua keukens. Vooral Indiaas en andere Aziatische gerechten. Het typische gerecht uit de bergen is Dal Bath, waar hier niemand genoeg van kan krijgen. Ze eten 3 keer per dag dit gerecht, dag in dag uit. En ze blijven het aanbidden. Het is een erg voedzame schotel bestaande uit rijst, linzen pap (meer dunne soep), curry, pickles, en soms een eitje of een ranzig ruikend stukje papadum. We hebben 2 versies geprobeerd, maar die Dal Bath verslaving laten we even links liggen. Door de hoge kosten van vlees wordt het weinig gegeten en is de omloopsnelheid dus erg laag, er wordt dan ook afgeraden om vlees te bestellen, vooral onderweg op je trekking. In ieder theehuisje stond precies hetzelfde op het menu, maar eigenlijk waren de gerechten best te doen. Vooral veel tonijn uit blik en de typisch nepalese gerechten pizza en pasta waren goed vertegenwoordigd.

Conclusie: zeker doen! Zo’n mooi uitzicht als beloning voor een uitputtende tocht maakt het extra speciaal.
Het afzien hoort gewoonweg bij deze bijzondere ervaring, de waardering wordt vele malen groter. Ook ben ik heel blij dat het samen met mijn vriendinnetjes heb mogen doen, afzien zonder veel te lachen zou een echte geestelijke sloping zijn geweest.
Nepal is mooi en er wonen vooral lieve mensen, ik geeft het geheel een 7. Maar had de ervaring nooit willen missen.

Home Sweet & Sour Home

IMG-20170715-WA0000

“Beter laat dan nooit” is de uitdrukking, dus vandaar toch nog even een, niet onbelangrijke, blog over de thuiskomst na een reisje van tien en een halve maand.

Toen we in september 2016 vertrokken naar onze eerste bestemming Bejijng leek het alsof we alle tijd van de wereld zouden hebben. Chill man bijna een jaartje op reis. Maar wat zijn de weken omgevlogen!
Toen we in Bolivia besloten om ons huiswaarts ticket te boeken was dit een zwarte dag in ons leven. Het geld begon op te raken en we begonnen ook wel wat dingetjes en vooral mensen van thuis te missen. Medellin zou de eindbestemming worden. Met eenmaal dat ticket op zak begin je onbewust toch de dagen af te tellen en begint de drang om iedereen weer te zien met de dag groter te worden. Dus toen die dag eenmaal was aangebroken was ik serieus in tweestrijd. Een ultiem gevoel van geluk om al mijn familie en vrienden weer te kunnen knuffelen, maar ook; oh jee onze grote droom zit erop, en nu?

Aankomst:
Poortje open, poortje dicht, wij stonden bij de bagageband te wachten op onze tassen in Charleroi en de 2 mamsen stonden aan de andere kant van het poortje te springen van blijdschap, natuurlijk laten de tassen juist dan wel erg lang op zich wachten… bewapend met onze tassen kunnen we dan eindelijk door de poortjes om ze te knuffelen. Een blik opzij en onze hartjes slaan emotioneel op hol, ontelbaar (kwam waarschijnlijk door de waterige oogjes, of de kater van de dag ervoor) veel lieve familieleden. Doet een mens geweldig goed te weten dat wij ook gemist zijn geworden ipv alleen maar gemist hebben. Veel knuffelen, lachen, huilen en kletsen, kletsen en nog eens kletsen. Thuis bij Ghislain en Marie-Jose stonden de achterblijvers op ons te wachten met een enorm lekkere en oer-Hollandse brunch. Na nog meer kletsen en ons volgepropt te hebben met lekkernijen zetten we koers naar het voor ons “perfecte” huisje. Nog meer verassingen, bubbels en een spik en span gepoetst huisje, nog nooit zo schoon geweest (ligt vast aan mijn poetspassie). Geen slechte manier om thuis te komen toch?
Last but not least in de avond staat nog een heerlijk avondmaal op ons te wachten in huize Claire en Simone (onze bezoekers in Peru), nog meer gezelligheid.

 

 

En nu?
De dagen en weken erna zijn vooral voorbij gevlogen aan het najagen van van alles en nog wat wat we gemist hebben, van gezellige borrels tot wortelstamppot met gehaktballen uit eigen keuken en van 007 naar nummer 2 op onze eigen wc.

Als je eenmaal al het gemiste weer eens gedaan hebt, is een tweede keer ook nog wel leuk, maar bij veel dingen (buiten vrienden, familie en het wc bezoek) is een derde keer helemaal niet meer speciaal en vraag je je af hoe het komt dat je zoiets kon missen op een reis waar zoveel te zien en te beleven valt. Dus de sleur kickt er alweer in en het verlangen naar het avontuur wordt weer groter. Raimon daarentegen vindt het prima om thuis te zijn en is wel even klaar met “het altijd maar onderweg zijn”. Wat inderdaad ook niet altijd even makkelijk was. Misschien verromantiseer ik ook alles wat ik net niet heb. Wat me aan het alsmaar reizen ergerde ben ik snel weer vergeten, wat me aan Nederland ergerde waren de dingen die ik in Azië soms zelfs miste. Vreemde spinsels maakt dat gedeelte van mijn hersenen.

Het heeft voor mij wel dik een maand geduurd voordat ik weer een beetje de draai vond thuis, terwijl Raimon meteen de 360 graden te pakken had. Op zoek naar werk en zo snel mogelijk het ritme weer oppakken zal de beste remedie zijn. En dan weer volop sparen voor een volgende reis😉!

Conclusie: We hadden het nooit willen missen, de allerbeste beslissing in ons leven!

Bedankt dat jullie ons gezwets trouw, of minder trouw gevolgd hebben!
Tot gauw
Michelle & Raimon

Tapas y vino

Na 10 uur vliegen staan we dan in een keer weer op Europees grondgebied. Madrid, als je daar landt kan je natuurlijk niet meteen doorvliegen en ben je bijna verplicht om al die overheerlijke tapasjes te proberen en veel volle riojaatjes achterover te tikken.

Gelukkig was dit ons derde bezoek aan Madrid en hadden we niet veel op de “to do” planning staan. Onze doelen waren, de jetlag in Madrid achterlaten en veel, maar dan ook heel veel tapas en wijn tijd in te halen. De Spanjaarden hebben een grote stempel achter gelaten in Zuid-Amerika, maar de tapas kennis zijn ze helaas vergeten over te brengen. Ook was de wijn er ver te zoeken, na Argentinië was er nog wel wijn te krijgen maar de belabberd hoge kosten lagen rond de €20 voor een nog belabberdere wijn. We waren dus klaar voor wat wit of rood gekleurd goddelijk vocht. Zelfs sangria klonk als muziek in onze oren.

“The weather in Madrid is clear with a temperature of 42 degrees” waaaat is die piloot gek geworden? Nee dus, we stappen uit en krijgen een wel erg warm dekentje over ons heen. De hele reis hebben we zulke temperaturen nog niet mogen meemaken. We landen in de middag, pakken de trein naar het hostel, zetten de airco aan en verlaten het pand pas weer rond 21:00 uur, in de hoop dat het wat aangenamer is. Op zoek naar tapas:

Oh wat hebben we genoten, net iets te gulzig gegeten en gedronken. Mijn katertje en de nog warmere dag erna is geen goede combi, dus wederom een airco dag, tot de “tour de France” rit van die dag voorbij is. Vervolgens staat op onze laatste dag van deze geweldige reis nog meer tapas op het programma, mercado San Miguel, hmmm:

De gulzigheid hebben we, met de gedachte aan de wekker die af zou gaan om 04:00, even thuis gelaten.

Bliepbliep, bliepbliep, de laatste uurtjes zijn aangebroken…….