Langs de enorme rivier de Mississippi, door de armste delen van de U.S, via vele katoen plantages rijden we omhoog richting de “delta blues”.
Onderweg liggen nog zijn nog veeel katoen plantages te vinden, tegenwoordig verbouwen ze er suikerriet of zijn ze open voor toeristen. Je krijgt een goed idee hoe het er aan toe ging in de slavernij tijd, die in 1864 eindelijk afgeschaft is hier.
The myrtles plantation, uitgeroepen tot “most haunted” huis van de VS, (citaat van de ietwat pips uitziende madam: whoewhoe):

Rosedown plantation:

We slapen in Vicksburg, in een enorme mansion. Er zit nog een kogel in de muur van de burgeroorlog en in de avond zitten we in ons schommelstoeltje op de “porch” onze “emergency kit” weg te drinken en te genieten van 100de vuurvliegjes/ wormpjes, of wat het ook mogen wezen:


In het kleine stadje is geen kip op straat, maar ook weer veel historie:



In de burgeroorlog van 1861 t/m 1865 tussen het noordelijke staten (the union) en de zuidelijke staten (The confederation) zijn hier grote en belangrijke slagen geweest, dit vooral door de strategische ligging van Vicksburg aan de Mississippi. We rijden door het mijlen lange Vicksburg National Military Park met 1000de monumenten:


Hierna stranden we in Clarksdale, naar zeggen de geboorteplaats van de blues en van muzikanten als Sam Cooke, Ike Turner, Muddy Waters, John Lee Hooker, en Big Jack Johnson is. Omdat we van grote contrasten houden, slapen we dit keer op de Hopson plantation in een een super gave shack, in plaats van in een mansion, ditmaal omringd met katoen plantjes:


Het is een beetje een “shabby” stad, waar je je meteen niet helemaal lekker bij voelt, maar waar wel veel te vinden is, zoals de “crossroad” waar Robert Johnson zijn ziel aan de duivel verkoopt:

Het Delta blues museum met onder andere10-talle John Lee Hooker gitaren en de Shack waarin Muddy Waters leefde, voor zijn doorbraak:
